Vandaag wordt Han de Wit zeventig jaar. Zie Shambhala .
Minstens even relevant: ik ben donderdag vijfenzeventig geworden (dank u).
Ik heb laatst al iets gevierd, maar voor Han een feestje, samen met Edel, Frits en Nico: drie andere aardige jongens (vrij naar Titaantjes van Nescio ( * ) ). En met een bitchy meisje.
En mogelijk met publiek. Ik ga niet, € 75 is mij veel te duur, zelfs al krijg je er een borrel voor.
Het gaat over boeddhisme als bron van levenskunst.
Mijn bijdrage kan kort zijn, Multatuli's 'Woutertje Pieterse ' (* *) indachtig zou ik zeggen:
Boeddhistische levenskunst is een schone zaak en geeft het mensdom veel vermaak.
Een kleine inhoudelijke kanttekening
Deze middag valt wel weer Han's vaste uitdrukking 'De kracht van fundamentele goedheid '
Laat ik dan maar duidelijk maken dat ik daar niet in geloof. Ook niet in fundamentele slechtheid trouwens: Er bestaat niet iets als een fundament; er is geen fundamentele ietsheid.
We worden geboren zonder gebruiksaanwijzing, zelfs zonder aanduiding van welke functie(s) we hebben. We moeten die zelf maar bedenken; niet 'ontdekken', dat woord suggereert dat die 'eigenlijk' bestaan.
Verder zou ik zeggen: gefeliciteerd Han. Je kan nu eindelijk volwassen worden.
Loskomen bijvoorbeeld van je eerste leraar Chögyam Trungpa (die van de 'crazy wisdom' waar je weinig van hebt, en die niet van de drank en de vrouwen af kon blijven)
en vrij van je tweede leraar Sakyong Mipham (de zoon van, hoe toevallig), die je bracht tot uitspraken over de 'verlichte samenleving' (al weer voorbij, mag ik hopen, die uitspraken dan).
Laat Shambhala achter je en wordt ook ongeorganiseerd boeddhist, je bent er aan toe !
Dat brengt me bij een breder thema:
waarom zijn de leraren in het Tibetaans boeddhisme toch nog steeds Tibetanen?
Zowel bij Zen als bij Theravada-vipassana is de huidige generatie leraren overwegend Westers, nadat het in het verleden (in de VS en hier) eerst Aziatische leraren waren. Bij het Tibetaans boeddhisme vindt deze wisseling van de wacht niet plaats.
Nu zijn er natuurlijk veel Tibetanen, in India, die niet terugkunnen naar Tibet. Maar los daarvan, is mijn indruk, blijven ze ook Westerlingen als spiritueel minder begaafd zien.
Vreemder is dan nog dat de gevorderde Westerse leerlingen dit accepteren. Het lijkt mij een teken van stagnatie.
=======================================================================
( * ) Opgave:
Wie van de vier jongens Han, Edel, Nico en Frits past respectievelijk het meest bij de aardige jongens van Titaantjes (Bavink, Hoyer, Van Bekker, Kees Ploeger, Koekebakker)?
En welke niet-uitgenodigde boeddhist past het best bij de vijfde van deze Titaantjes?
Een extra prijs voor wie ook nog Japi uit 'De Uitvreter ' in het boeddhistisch spectrum kan plaatsen.
(* *) Zie pagina 6 van dit Bulkboek.
Trouwens, als Annemiek Schrijver mij ooit zou vragen om m'n 'Heilige tekst ' (weinig kans),
zou deze van pagina 5 wel in aanmerking komen (hint: een meester is een soort leraar):
Slachterskeesje: Lofdicht op de meester
Mijn vader heeft menige os de doodsteek gegeven
Maar meester Pennewip is nog in leven
Soms waren zij mager, soms waren zij vet
En hij heeft zijn pruik opzij gezet
Posts tonen met het label boeddhisme in Nederland. Alle posts tonen
Posts tonen met het label boeddhisme in Nederland. Alle posts tonen
zondag 15 juni 2014
zaterdag 7 juni 2014
BOS radio nu ook geheel in het lieve-mensen-model. Zonder botsingen? En waar blijft de journalistiek?
Op de website van de BOS staat als nieuwsbericht:
Veranderingen bij de BOS. Ik citeer hun bericht van 6 juni
" BOS Radio staat voor een wijziging in de programmering. De nachtelijke uitzending van dinsdag op woensdag zal na de zomerperiode een andere opzet krijgen. Op de plek waar nu het reportageprogramma 'Hemelsbreed' (Radio 5, 0:00 - 0:30 uur) te horen is zal vanaf september een diepgravend interview geprogrammeerd worden. Dit programma draagt voorlopig de werktitel ‘De Nachtgast’.
In de nieuwe opzet krijgt een hoofdgast ruim een half uur de tijd om zijn of haar verhaal te doen. Het programma krijgt net als haar voorganger een duidelijk boeddhistisch karakter. ...
Begrippen als transformatie, samsara, moed, contemplatie en compassie zullen regelmatig passeren in het nachtelijke interview. Bekende en minder bekende gasten worden verleid tot een goed gesprek van mens tot mens. Een gesprek waarin ook best eens een stilte mag vallen.
...
Op dit moment wordt er gewerkt aan de invulling van het concept. Het is de nadrukkelijke bedoeling om klank, kleur en inhoud maximaal te laten aansluiten bij iedereen die open staat voor het boeddhisme. Met andere woorden: mooie, persoonlijke gesprekken met boeddhistische thema’s als vertrekpunt. Gesprekken die de kern raken en de luisteraar bij blijven. "
Ik ben nogal ongelukkig over deze beleidswijziging; en geloof niet in de onvermijdelijkheid er van.
Fijn dat er ook best eens een stilte mag vallen. Maar mag er ook af en toe eens een klap vallen; overdrachtelijk uiteraard: dat men het grondig met elkaar oneens is?
Dat lijkt niet in de formule te passen. Zelfs het niet met elkaar eens zijn lijkt ongepast, want het gaat niet om meningen, maar om 'gevoelens'.
Een gesprek tussen een aanhanger van de Dalai Lama en een van Dorje Shugden komt niet in aanmerking, vrees ik. Of een gesprek tussen zo'n aanhanger en een Theravada-boeddhist die die Tibetaanse ruzie maar raar vindt, zoals recent in *OpenBoeddhisme*
Hemelsbreed is - of was - het meest boeddhistische van alle BOS-programma's; zeker uitgesprokener dan de televisie maar ook meer dan de OBA Live van 19 tot 20 uur op de dinsdagavond (die ik trouwens ook al gesprekken tussen twee, en een enkele keer drie, mensen zijn; ik zie het onderscheidene niet zo zeer). En dan wordt minder omdat vooral 'interessante mensen' het gesprek mogen voeren. Waar blijft de saaie, maar degelijke, boeddhist?
Hemelsbreed is - of was - ook het meest journalistieke van alle BOS-programma's. Een functie die toch al niet dik gezaaid is in boeddhistisch Nederland.
Het zou echt treurig zijn als deze functie verloren gaat.
Wat dat betreft begrijp ik iets niet:
Begin dit jaar werd aangekondigd dat eens per maand in 'Hemelsbreed' Marlous Lazal de boeddhistische actualiteit (in Nederland) doornam. Dat is een paar keer ook zo gebeurd (het was al minder dan toen de BOS nog op zaterdagmiddag uitzond), maar minstens één keer was het onderdeel van 'OBA Live' van 19 tot 20 uur; toeval of beleidswijziging?
Nu lijkt het helemaal te verdwijnen.
Doet de actualiteit er niet meer toe? Doet wat er gebeurt bij de (lokale) sangha's niet meer toe?
Dit bericht is ook (bewerkt en waarschijnlijk met de antwoorden op telefonische/email-vragen) in het Boeddhistischdagblad ' verschenen, zie BD 6 juni .
In dit artikel zegt hoof radio Maurice Laparlière:
‘ Hemelsbreed is, met bijna altijd drie items per uitzending, en radiomakers die van Limburg tot Groningen het hele land door reizen om hun gesprekspartners te interviewen en hun producties zelf monteren, een redelijk kostbaar programma .... '
Telefonische interviews met inkorting tot de juiste lengte lijkt me helemaal niet zo arbeidsintensief. Dan maar een kleiner aantal langere interviews vergeleken met het aantal nu.
En ik denk dat er duurdere presentatoren gaan komen dan de huidige, type bekende Nederlanders, ex-politici of zo.
Het BD-artikel van vrijdag 6 juni leverde een verdrietige reactie op van BOS Radio medewerkster Marlous Lazal, die nu kort luidt " Einde van een tijdperk en hopelijk nog begin van iets nieuws", maar kort na plaatsing langer was, onder andere over haar teleurstelling dit hier te vernemen na 12 jaar medewerkster te zijn geweest (dit schrappen zonder het te vermelden is - helaas - gebruikelijk bij het BD, ik vind het ook een voorbeeld van de slijmerigheid van het BD).
Aan het eind van het artikel in het BD zegt Maurice: ‘ We gaan het nieuwe programma op een wijze maken, met een presentator die vanuit zijn of haar boeddhistische hart het gesprek aangaat en ook zaken uit het eigen leven durft te benoemen, dat luisteraars het gevoel krijgen dat het speciaal voor hem of haar gemaakt is. Dat je nog even in de auto blijft zitten om het eind te willen horen ’.
Hier word ik eerlijk gezegd niet goed van, vooral dat 'uit het hart', net zo als het 'van mens tot mens '. De as van de historische Boeddha zou zich in z'n urn omdraaien als hij dit hoorde. Hij had het immers vooral over 'het lijden en het einde van het lijden', en dat is andere koek.
Steeds meer mensen zullen dit program niet 's nachts van twaalf tot half één volgen (dan slaapt een fatsoenlijk boeddhist) maar een van de dagen erna via de podcast. Het gevoelige middagnacht toontje is dan ook helemaal niet nodig. En dan nog, een boeddhistische omroep mag toch wel laten merken dat ze anders is?
Tot slot: na december 2015 verdwijnt de BOS uit de ether. Als ik iets lees over wat ze vanaf 2016 willen gaan doen, dan lijkt het impliciet steeds om de televisie te gaan.
Continueren van ‘De Nachtgast’ na december 2015 zie ik niet gebeuren; het is toekomstloos.
Terwijl ik had gehoopt dat men zich zou richten op het maken van podcasts, in combinatie met een website. Zoals de graag door mij beluisterde en (gelezen) 'Buddhist Geeks ' en de 'Secular Buddhist Association '. Samen met bloggers en andere vrijwilligers, was mijn voorstel.
Ik zie absoluut niet hoe de nieuwe voor komend seizoen aangekondigde formule anticipeert op een omroepmiddelen-loze toekomst van een boeddhistische radio.
Veranderingen bij de BOS. Ik citeer hun bericht van 6 juni
" BOS Radio staat voor een wijziging in de programmering. De nachtelijke uitzending van dinsdag op woensdag zal na de zomerperiode een andere opzet krijgen. Op de plek waar nu het reportageprogramma 'Hemelsbreed' (Radio 5, 0:00 - 0:30 uur) te horen is zal vanaf september een diepgravend interview geprogrammeerd worden. Dit programma draagt voorlopig de werktitel ‘De Nachtgast’.
In de nieuwe opzet krijgt een hoofdgast ruim een half uur de tijd om zijn of haar verhaal te doen. Het programma krijgt net als haar voorganger een duidelijk boeddhistisch karakter. ...
Begrippen als transformatie, samsara, moed, contemplatie en compassie zullen regelmatig passeren in het nachtelijke interview. Bekende en minder bekende gasten worden verleid tot een goed gesprek van mens tot mens. Een gesprek waarin ook best eens een stilte mag vallen.
...
Op dit moment wordt er gewerkt aan de invulling van het concept. Het is de nadrukkelijke bedoeling om klank, kleur en inhoud maximaal te laten aansluiten bij iedereen die open staat voor het boeddhisme. Met andere woorden: mooie, persoonlijke gesprekken met boeddhistische thema’s als vertrekpunt. Gesprekken die de kern raken en de luisteraar bij blijven. "
Ik ben nogal ongelukkig over deze beleidswijziging; en geloof niet in de onvermijdelijkheid er van.
Fijn dat er ook best eens een stilte mag vallen. Maar mag er ook af en toe eens een klap vallen; overdrachtelijk uiteraard: dat men het grondig met elkaar oneens is?
Dat lijkt niet in de formule te passen. Zelfs het niet met elkaar eens zijn lijkt ongepast, want het gaat niet om meningen, maar om 'gevoelens'.
Een gesprek tussen een aanhanger van de Dalai Lama en een van Dorje Shugden komt niet in aanmerking, vrees ik. Of een gesprek tussen zo'n aanhanger en een Theravada-boeddhist die die Tibetaanse ruzie maar raar vindt, zoals recent in *OpenBoeddhisme*
Hemelsbreed is - of was - het meest boeddhistische van alle BOS-programma's; zeker uitgesprokener dan de televisie maar ook meer dan de OBA Live van 19 tot 20 uur op de dinsdagavond (die ik trouwens ook al gesprekken tussen twee, en een enkele keer drie, mensen zijn; ik zie het onderscheidene niet zo zeer). En dan wordt minder omdat vooral 'interessante mensen' het gesprek mogen voeren. Waar blijft de saaie, maar degelijke, boeddhist?
Hemelsbreed is - of was - ook het meest journalistieke van alle BOS-programma's. Een functie die toch al niet dik gezaaid is in boeddhistisch Nederland.
Het zou echt treurig zijn als deze functie verloren gaat.
Wat dat betreft begrijp ik iets niet:
Begin dit jaar werd aangekondigd dat eens per maand in 'Hemelsbreed' Marlous Lazal de boeddhistische actualiteit (in Nederland) doornam. Dat is een paar keer ook zo gebeurd (het was al minder dan toen de BOS nog op zaterdagmiddag uitzond), maar minstens één keer was het onderdeel van 'OBA Live' van 19 tot 20 uur; toeval of beleidswijziging?
Nu lijkt het helemaal te verdwijnen.
Doet de actualiteit er niet meer toe? Doet wat er gebeurt bij de (lokale) sangha's niet meer toe?
Dit bericht is ook (bewerkt en waarschijnlijk met de antwoorden op telefonische/email-vragen) in het Boeddhistischdagblad ' verschenen, zie BD 6 juni .
In dit artikel zegt hoof radio Maurice Laparlière:
‘ Hemelsbreed is, met bijna altijd drie items per uitzending, en radiomakers die van Limburg tot Groningen het hele land door reizen om hun gesprekspartners te interviewen en hun producties zelf monteren, een redelijk kostbaar programma .... '
Telefonische interviews met inkorting tot de juiste lengte lijkt me helemaal niet zo arbeidsintensief. Dan maar een kleiner aantal langere interviews vergeleken met het aantal nu.
En ik denk dat er duurdere presentatoren gaan komen dan de huidige, type bekende Nederlanders, ex-politici of zo.
Het BD-artikel van vrijdag 6 juni leverde een verdrietige reactie op van BOS Radio medewerkster Marlous Lazal, die nu kort luidt " Einde van een tijdperk en hopelijk nog begin van iets nieuws", maar kort na plaatsing langer was, onder andere over haar teleurstelling dit hier te vernemen na 12 jaar medewerkster te zijn geweest (dit schrappen zonder het te vermelden is - helaas - gebruikelijk bij het BD, ik vind het ook een voorbeeld van de slijmerigheid van het BD).
Aan het eind van het artikel in het BD zegt Maurice: ‘ We gaan het nieuwe programma op een wijze maken, met een presentator die vanuit zijn of haar boeddhistische hart het gesprek aangaat en ook zaken uit het eigen leven durft te benoemen, dat luisteraars het gevoel krijgen dat het speciaal voor hem of haar gemaakt is. Dat je nog even in de auto blijft zitten om het eind te willen horen ’.
Hier word ik eerlijk gezegd niet goed van, vooral dat 'uit het hart', net zo als het 'van mens tot mens '. De as van de historische Boeddha zou zich in z'n urn omdraaien als hij dit hoorde. Hij had het immers vooral over 'het lijden en het einde van het lijden', en dat is andere koek.
Steeds meer mensen zullen dit program niet 's nachts van twaalf tot half één volgen (dan slaapt een fatsoenlijk boeddhist) maar een van de dagen erna via de podcast. Het gevoelige middagnacht toontje is dan ook helemaal niet nodig. En dan nog, een boeddhistische omroep mag toch wel laten merken dat ze anders is?
Tot slot: na december 2015 verdwijnt de BOS uit de ether. Als ik iets lees over wat ze vanaf 2016 willen gaan doen, dan lijkt het impliciet steeds om de televisie te gaan.
Continueren van ‘De Nachtgast’ na december 2015 zie ik niet gebeuren; het is toekomstloos.
Terwijl ik had gehoopt dat men zich zou richten op het maken van podcasts, in combinatie met een website. Zoals de graag door mij beluisterde en (gelezen) 'Buddhist Geeks ' en de 'Secular Buddhist Association '. Samen met bloggers en andere vrijwilligers, was mijn voorstel.
Ik zie absoluut niet hoe de nieuwe voor komend seizoen aangekondigde formule anticipeert op een omroepmiddelen-loze toekomst van een boeddhistische radio.
donderdag 22 mei 2014
Het Boeddhistisch Dagblad bestaat nu twee jaar, de vernieuwing is uitgewerkt
De afgelopen week stond er een artikel in 'Boeddhistisch Dagblad' (BD) over filmmaakster Julia Strijland die voor de boeddhistische omroep de driedelige serie ‘Modern Monks’ heeft gemaakt (http://boeddhistischdagblad.nl/30410-modern-monks-en-meester-kosen/). Wat er niet bij stond is dat Julia Strijland tevens secretaris/penningmeester is van het BUN-bestuur en vanuit die rol ongetwijfeld veel contact met de BOS heeft.
Een journalistieke misser. Begrijpelijk dat *OpenBoeddhisme* hier aandacht aan besteed: http://openboeddhisme.nl/verstrengeling-belangen-strijland-bun-met-bos/
Update 25 mei
In een reactie op het betreffende artikel wordt gevraagd wanneer de delen worden uitgezonden.
De hoofdredacteur van het BD op 23 mei deel mee: "Dat is nog niet bekend. Als het tijdstip van uitzending bekend is publiceren wij dat in het BD "
Dat is wat gemakzuchtig; want aan het eind (van 4:36 tot 4:50) van het in hetzelfde artikel aan te klikken reclamefilmpje van Julia's sangha staat: "This film has no relation with The Modern Monks TV series, planned for september 2014, in collaboration with the Buddhist Broadcast organisation Netherlands ".
=======================================================================
Komend weekend is het twee jaar geleden dat het BD is gestart.
In een blog van een jaar geleden schreef ik:
" Het BD bestaat deze week een jaar. Het eerste artikel, ' Dalai Lama bezoekt Huy, België ' , verscheen op 25 mei 2012, zie pagina http://boeddhistischdagblad.nl/page/107/ misschien is het al weer page 108/ of 109/ als u dit leest. Ruim 100 pages, met 10 artikelen per pagina (page), dat zijn er dus ruim 1000, drie per dag ; dat is veel, dat is te veel, vind ik. "
Het bezoek van de Dalai Lama aan Huy (een wat afgezaagd onderwerp inmiddels) is nu te vinden op pagina http://boeddhistischdagblad.nl/page/223/ [mogelijks inmiddels op pagina 224 of 225 ...]
Het gemiddelde aantal bijdragen per dag is dus nog toegenomen.
Ik sloot m'n blog van 20 mei 2013 af met:
" Laat ik het samenvattend en afsluitend zo zeggen , en voor mijn doen zeer positief: ga maar door, met een aantal verbeteringen (weglatingen).
Maar laat ik er gelijk bij zeggen: ik hoop ook dat *OpenBoeddhisme*, het andere journalistieke blog, doorgaat en de andere – meer vanuit hun persoonlijke ervaringen schrijvende – bloggers doorgaan.
En dat de nieuwsgierigheid van de (boeddhistische) lezer hoe de zaken echt in elkaar zitten, verder toeneemt.
En dat tenslotte de grote en kleine machthebbers in boeddhistisch Nederland het bestaan van al deze media (een beetje) lastig blijven vinden "
Zoiets kan ik nu niet meer zeggen. Het BD heeft haar mogelijkheden niet gegrepen, de gemakzucht overheerst, het is een gratis huis-aan-huis blad geworden met makkelijk verteerbare artikelen, met kleine weetjes en met nederig weergegeven persberichten.
Een enkele uitzondering daargelaten.
Eén daarvan is de weergave van de blogartikelen van Jules Prast, een dag of wat nadat die op z'n eigen site zijn verschenen (zie 'Boeddhaweg' ); vooral de discussie daarover is levendig. Maar dat kan net zo goed via zijn eigen blog gebeuren.
Veel artikelen over plofkippen en ander dierenleed. Veel over Tibetanen en Tibet, maar nauwelijks over het Tibetaans boeddhisme.
Allerlei over 'de inwendige mens' in eetrubriek; dus over wat er in gaat; maar nooit over wat de mens verlaat, nooit over ontlasting en urine, dat is toch even relevant, we hebben toch geen taboes als boeddhisten? (Ik weet het wel: het is niet aangenaam, en het BD wil het aangenaam en leuk houden).
Het blad doet me vooral denken aan het al tientallen jaren bestaande 'Readers Digest', in Nederland ook bekend onder de naam 'Het Beste', en vooral bekend om haar meligheid.
Dat zou allemaal niet erg zijn, als er ook maar de nodige aandacht aan de journalistiek wordt besteed. En daarin schiet het BD echt tekort. Op de website 'Nieuwwij' heeft een serie artikelen gestaan over religiejournalistiek; een serie afgerond met het artikel 'Het is tijd voor journalisten die recht willen doen door dwars te liggen'.
De conclusies van de onderzoekster - die het over religiejournalistiek vanuit diverse religies heeft - zouden ook voor het BD moeten gelden:
"De geïnterviewde personen, de literatuur en het onderzoek wijzen er allen op dat er een toenemende behoefte is aan achtergrond, context en verdieping. De constante informatieflow zorgt voor onrust en verwarring, wat een vraag creëert naar betrouwbare en gespecialiseerde gidsen. Niet voor niets stelde Jeroen Smit, hoogleraar journalistiek, in zijn oratie de vraag: ‘Waarom worden krantenredacties eigenlijk niet vooral onderzoeksredacties?’. Niet alleen druk je zo drastisch de kosten, je speelt in op een belangrijke behoefte, terwijl je iets doet waar je waarschijnlijk het meeste plezier aan beleeft. Mark Deuze, professor in media studies, voegt daar nog een andere vraag aan toe in zijn oratie: Waarom niet op grote schaal samenwerken, bijvoorbeeld via het open verzamelen en uitwisselen van kennis en ervaringen? Zo kunnen journalisten voorbij gaan aan het oude ‘van alles een beetje weten’ en zich verdiepen in datgene waar hun passie ligt. De vraag is dus niet óf er een toekomst is voor (religie)journalisten, maar op welke manier.
...
Macht
Steeds meer wordt er gedacht en geschreven over een journalistiek die haar macht erkent en ten goede gebruikt. Het is een discussie voorbij het oude utopische of anti-utopische kijken naar media. Het gaat erom dat onze levens verweven zijn met media – we ontkomen er niet aan. Dat maakt dat media wel degelijk invloed heeft op samenlevingen, politiek en mensen. De daarbij komende verantwoordelijkheid dient zorgvuldig te worden gebruikt. De interviews die ik had gingen te vaak over hoe journalisten hierin falen. Deze interviews staan zeker niet op zichzelf. Een ethische code die hierop inspeelt zou een verschil kunnen maken. " Bron: 'NieuwWij '
Hopelijk wordt er niet gereageerd met de dooddoener dat wat het BD doet, helemaal geen religiejournalistiek oftewel boeddhisme-journalistiek wil zijn. In ieder geval niet zonder te lezen wat de onderzoekster Elze Sietzema-Riemer en de door haar geïnterviewden daaronder verstaan.
Het BoeddhistischDagblad gaat nu haar derde jaar in. Laten we hopen dat dat nieuwer wordt dan het tweede.
Een journalistieke misser. Begrijpelijk dat *OpenBoeddhisme* hier aandacht aan besteed: http://openboeddhisme.nl/verstrengeling-belangen-strijland-bun-met-bos/
Update 25 mei
In een reactie op het betreffende artikel wordt gevraagd wanneer de delen worden uitgezonden.
De hoofdredacteur van het BD op 23 mei deel mee: "Dat is nog niet bekend. Als het tijdstip van uitzending bekend is publiceren wij dat in het BD "
Dat is wat gemakzuchtig; want aan het eind (van 4:36 tot 4:50) van het in hetzelfde artikel aan te klikken reclamefilmpje van Julia's sangha staat: "This film has no relation with The Modern Monks TV series, planned for september 2014, in collaboration with the Buddhist Broadcast organisation Netherlands ".
=======================================================================
Komend weekend is het twee jaar geleden dat het BD is gestart.
In een blog van een jaar geleden schreef ik:
" Het BD bestaat deze week een jaar. Het eerste artikel, ' Dalai Lama bezoekt Huy, België ' , verscheen op 25 mei 2012, zie pagina http://boeddhistischdagblad.nl/page/107/ misschien is het al weer page 108/ of 109/ als u dit leest. Ruim 100 pages, met 10 artikelen per pagina (page), dat zijn er dus ruim 1000, drie per dag ; dat is veel, dat is te veel, vind ik. "
Het bezoek van de Dalai Lama aan Huy (een wat afgezaagd onderwerp inmiddels) is nu te vinden op pagina http://boeddhistischdagblad.nl/page/223/ [mogelijks inmiddels op pagina 224 of 225 ...]
Het gemiddelde aantal bijdragen per dag is dus nog toegenomen.
Ik sloot m'n blog van 20 mei 2013 af met:
" Laat ik het samenvattend en afsluitend zo zeggen , en voor mijn doen zeer positief: ga maar door, met een aantal verbeteringen (weglatingen).
Maar laat ik er gelijk bij zeggen: ik hoop ook dat *OpenBoeddhisme*, het andere journalistieke blog, doorgaat en de andere – meer vanuit hun persoonlijke ervaringen schrijvende – bloggers doorgaan.
En dat de nieuwsgierigheid van de (boeddhistische) lezer hoe de zaken echt in elkaar zitten, verder toeneemt.
En dat tenslotte de grote en kleine machthebbers in boeddhistisch Nederland het bestaan van al deze media (een beetje) lastig blijven vinden "
Zoiets kan ik nu niet meer zeggen. Het BD heeft haar mogelijkheden niet gegrepen, de gemakzucht overheerst, het is een gratis huis-aan-huis blad geworden met makkelijk verteerbare artikelen, met kleine weetjes en met nederig weergegeven persberichten.
Een enkele uitzondering daargelaten.
Eén daarvan is de weergave van de blogartikelen van Jules Prast, een dag of wat nadat die op z'n eigen site zijn verschenen (zie 'Boeddhaweg' ); vooral de discussie daarover is levendig. Maar dat kan net zo goed via zijn eigen blog gebeuren.
Veel artikelen over plofkippen en ander dierenleed. Veel over Tibetanen en Tibet, maar nauwelijks over het Tibetaans boeddhisme.
Allerlei over 'de inwendige mens' in eetrubriek; dus over wat er in gaat; maar nooit over wat de mens verlaat, nooit over ontlasting en urine, dat is toch even relevant, we hebben toch geen taboes als boeddhisten? (Ik weet het wel: het is niet aangenaam, en het BD wil het aangenaam en leuk houden).
Het blad doet me vooral denken aan het al tientallen jaren bestaande 'Readers Digest', in Nederland ook bekend onder de naam 'Het Beste', en vooral bekend om haar meligheid.
Dat zou allemaal niet erg zijn, als er ook maar de nodige aandacht aan de journalistiek wordt besteed. En daarin schiet het BD echt tekort. Op de website 'Nieuwwij' heeft een serie artikelen gestaan over religiejournalistiek; een serie afgerond met het artikel 'Het is tijd voor journalisten die recht willen doen door dwars te liggen'.
De conclusies van de onderzoekster - die het over religiejournalistiek vanuit diverse religies heeft - zouden ook voor het BD moeten gelden:
"De geïnterviewde personen, de literatuur en het onderzoek wijzen er allen op dat er een toenemende behoefte is aan achtergrond, context en verdieping. De constante informatieflow zorgt voor onrust en verwarring, wat een vraag creëert naar betrouwbare en gespecialiseerde gidsen. Niet voor niets stelde Jeroen Smit, hoogleraar journalistiek, in zijn oratie de vraag: ‘Waarom worden krantenredacties eigenlijk niet vooral onderzoeksredacties?’. Niet alleen druk je zo drastisch de kosten, je speelt in op een belangrijke behoefte, terwijl je iets doet waar je waarschijnlijk het meeste plezier aan beleeft. Mark Deuze, professor in media studies, voegt daar nog een andere vraag aan toe in zijn oratie: Waarom niet op grote schaal samenwerken, bijvoorbeeld via het open verzamelen en uitwisselen van kennis en ervaringen? Zo kunnen journalisten voorbij gaan aan het oude ‘van alles een beetje weten’ en zich verdiepen in datgene waar hun passie ligt. De vraag is dus niet óf er een toekomst is voor (religie)journalisten, maar op welke manier.
...
Macht
Steeds meer wordt er gedacht en geschreven over een journalistiek die haar macht erkent en ten goede gebruikt. Het is een discussie voorbij het oude utopische of anti-utopische kijken naar media. Het gaat erom dat onze levens verweven zijn met media – we ontkomen er niet aan. Dat maakt dat media wel degelijk invloed heeft op samenlevingen, politiek en mensen. De daarbij komende verantwoordelijkheid dient zorgvuldig te worden gebruikt. De interviews die ik had gingen te vaak over hoe journalisten hierin falen. Deze interviews staan zeker niet op zichzelf. Een ethische code die hierop inspeelt zou een verschil kunnen maken. " Bron: 'NieuwWij '
Hopelijk wordt er niet gereageerd met de dooddoener dat wat het BD doet, helemaal geen religiejournalistiek oftewel boeddhisme-journalistiek wil zijn. In ieder geval niet zonder te lezen wat de onderzoekster Elze Sietzema-Riemer en de door haar geïnterviewden daaronder verstaan.
Het BoeddhistischDagblad gaat nu haar derde jaar in. Laten we hopen dat dat nieuwer wordt dan het tweede.
zaterdag 10 mei 2014
De boeddhistische leraar, noodzakelijk, maar ook tussen leerling en Dharma; en schaduwkanten
Onderstaande tekst heb ik voor een deel uitgesproken tijdens het symposium op 8 mei over de leraar-leerling verhouding, georganiseerd door Milinda.
Waarom ik slechts een deel uitgesproken heb en over de ambiance die avond schrijf ik onderaan nog wat.
=====================================================================

De werktitel die ik zelf de afgelopen weken aan dit praatje van heb gegeven, is:
transport, tranen en transcendentie .
Met een knipoog naar de titel van het boek van Nico, toch de aanleiding tot dit symposium (dit woord betekent: geleerd gesprek; daaraan probeer ik me te houden, evenals aan het kwartier spreektijd.)
– Die 'transcendentie' van Nico deel ik: boeddhisme is meer dan een levensfilosofie; niet alleen omdat het ook over de dood gaat, maar vooral ook over zingeving, in laatste instantie een niet-rationeel gebeuren.
Devotie is ook een aspect van de beoefening, zelfs al is men zich er niet van bewust (alleen, vooruitlopend op de rest van mijn verhaal: niet zozeer devotie richting leraar)
– Het 'transport' heeft betrekking op het Edele Achtvoudige Pad dat de beoefenaar gaat; 'traject' is wellicht een nog betere term.
– En 'tranen' gaat over de schaduwzijden van de leerling-leraar verhouding; daarover gaat het tweede deel van m'n praatje. Eigenlijk: over de manifeste schaduwzijden, over de latente heb ik al al eerder.
Leerling en leraar lijkt me een betere titel dan omgekeerd; het gaat toch om de leerling, de leraar is middel.
Men kan zeggen een leraar heeft een leerling nodig om leraar te zijn.
Andersom heeft een leerling géén leraar nodig om leerling te zijn, 'leerling' als reiziger op het Pad .
Dit sluit aan bij een definitie die Stephen Batchelor ooit gegeven heeft: een leraar is iemand die leerlingen heeft, punt.
Het leraar is middel, zei ik: het doel is de bevrijding, het Ontwaken, de Verlichting, het Bodhisattva-schap, van de individu die men aan het begin van zijn of haar spirituele carrière 'leerling' noemt.
'Bij zen is de verhouding leraar-leerling een heel bijzondere', wordt in de aankondiging gezegd; ik houd echter een breder boeddhistisch verhaal, niet alleen over Zen en niet alleen het (positief) bijzondere, ook de schaduwkanten van het leraar zijn.
Eerst echter stel ik de vraag of Zen ook boeddhisme is n.a.v. een recent artikel van Edel Maex, dat eigenlijk de vraag inhield of Zen een religie is.
Antwoord van mij en waarschijnlijk ook door Nico op beide vragen: ja
Gelukkig maar, want als Zen of een Zen-beoefenaar zicht niet als boeddhistisch beschouwt, dan is een discussie over de leraar, zoals ik me die voorstel, niet mogelijk. Want dan zou men over mijn 'boeddhistische meetlat' kunnen zeggen: bemoei je met je eigen zaken.
We moeten er dus vanavond van uit gaan dat Zen, Theravada en Tibetaans boeddhisme iets gemeenschappelijks hebben; bv ten aanzien van de leerling-leraar-verhouding,
Een leraar is zeker nodig, voor nieuwe Westerse boeddhisten. Voor een jaar of zo.
Later ook nog wel kalyana mitta (Pali vorm) of mitra (Sanskriet) nuttig.
Naast de vraag hoe lang een leerling de leraar nodig heeft, is er de vraag: hoe diep?
Hoe persoonlijk ook?
Waarom moet die relatie DIEP zijn, persoonlijk, vergelijkbaar met die van de therapeut-client (de ouderwetse, psychoanalytisch angehauchte therapeut dan, bij gedragstherapeut ligt het anders) ?
Vanuit de leerling gezien is de vraag: wanneer gaat het 'bewonderen' van de leraar over in het 'vereren'?
Het 'bewonderen' zie ik daarbij als noodzakelijk in het groeiproces, als heilzaam dus. Het 'vereren', het 'verheerlijken' echter is in mijn benadering onheilzaam; want het betekent stagnatie, er gebeurt niets meer in het spirituele proces.
Het gaat vandaag eigenlijk niet om de leraar. Het gaat om de leerling. Of zou daar om moeten gaan.
Om de vraag: hoe moet je starten op je boeddhistische pad, bv hoe kies je een leraar (if any)?
En om de vraag: waarom blijf je alsmaar bij je leraar, ben je nou nog steeds niet volwassen?
Verleden jaar heb ik een zeer nuttige Duitse notitie hierover vertaald:
Heilzame en onheilzame structuren van groepen. (Zie hier )
Het wordt door de Deutsche Buddhistische Union een leidraad genoemd, die als doel heeft om de mensen hulp en ondersteuning te geven die hun lidmaatschap van boeddhistische of andere groeperingen nog eens kritisch willen overwegen.
Jammer dat de BUN dit niet van haar Duitse zusterorganisatie heeft overgenomen; maar ja ….
Een paar van de vragen die een beoefenaar (leerling dus) zichzelf kan stellen:
* Heb ik de indruk dat ik de groep net zo makkelijk kan verlaten als toen ik er binnenkwam?
* Heb ik de vrije keuze om contacten binnen en buiten de groep te onderhouden?
* Kan ik bekritiseren zonder te worden gediscrimineerd of veroordeeld?
* Zijn er contacten en uitwisselingen met andere groepen en leraren?
* Is er een bevestiging door andere erkende leraren?
* Ontstaat er afhankelijkheden in de relatie tussen leraar en leerling?
* Is er financiële transparantie in de organisatie?
* Heb ik mijn financiële onafhankelijkheid weggegeven?
* Geef ik meer uit (aan de groep) dan in mijn omstandigheden verstandig is?
* Worden optredende schuldgevoelens gebruikt of zelfs versterkt; of wordt
er hulp geboden in het overwinnen ervan?
* Is er sprake van laster, verkeerde informatie of minachting voor critici,
andersdenkenden of andere groepen, leraren of tradities?
De conclusie luidt, ik citeer nog steeds:
“Heilzame structuren worden gekenmerkt door openheid, ook voor vragen en kritiek.
Leerlingen hebben in zulke structuren ruimte om eigen en ook afwijkende meningen te uiten.
Zij kunnen het geleerde door eigen studie toetsen.
Het staat hen vrij de groep of de leraar op elk door hen gekozen moment te verlaten. ”
Wat zeggen de oude geschriften, bv de Maha Parinibbana Sutta over de laatste weken uit het leven van de Boeddha, die tegen een verdrietige Ananda spreekt:
"En zij, Ananda, die nu leven of zij die leven wanneer ik ben heengegaan, als zij als een eiland voor zichzelf zijn, als zij een toevlucht voor zichzelf zijn, en geen andere toevlucht zoeken; diegenen die de Dhamma als hun eiland en toevlucht hebben en geen andere toevlucht zoeken; zij zijn het die het hoogste zullen bereiken indien zij verlangend zijn om te leren."
en
"En de Heer zei tegen de Eerwaarde Ananda: "Het kan zijn, Ananda, dat in sommigen van jullie de gedachte opkomt: 'De instructies van de Meester zijn er niet meer; wij hebben geen Leraar meer.' Maar zo, Ananda, moet dat niet worden gezien. Want, Ananda, dat wat ik verkondigd heb en bekend gemaakt heb als de Dhamma en de Discipline, dat zal jullie Leraar zijn nadat ik ben heengegaan."
In feite ondermijnt deze sutta-tekst de lineage-mythe, de 'transmissie' dus waar Nico het over heeft.
En dan de Drievoudige Toevlucht; een ander wezenlijk onderdeel van het 'Boeddhist zijn', ook van de zen-beoefenaar neem ik aan: in de Boeddha, de Dharma/Dhamma en in de Sangha.
Mijn stellige indruk is dat in het Mahayana in de loop der eeuwen de toevlucht in Dharma en Sangha is verschoven naar toevlucht tot (in) de leraar.
Bij het Tibetaanse (tantrische) boeddhisme is het toevlucht nemen tot de leraar met de 'guru-devotie' helemaal in de plaats gekomen van de drievoudige toevlucht .
Vergelijking van de leerling-leraar verhouding naar andere niet-symmetrische relaties; bv
* cliënt/patiënt met therapeut in de psychotherapie
* de route leerling – gezel – meester in het gilde-model
* leerling en leraar in de zin van onderwijzer
* vroedvrouw, of vroedman zoals een Zennie schreef, maar dan zonder claim op jaren nazorg
* de tomtom en de reiziger (transport, weet u wel: het achtvoudige pad van de leerling)
Het psychotherapie-model – ik heb het net al gezegd en herhaal het graag – is bruikbaar ten behoeve van de vraag: hoe 'diep' moet de relatie leerling-leraar in het boeddhisme zijn?
Hoe 'persoonlijk' moet de involvering in elkaar zijn? Het niveau van de psychoanalyse of het niveau van gedragstherapie bv?
Wat is bij het antwoord op die vraag bepalend: het argument van de traditie of het argument van de effectiviteit van de methode?
Merkwaardig genoeg lees ik dit soort vragen nooit, terwijl veel boeddhisten toch de mond vol hebben van het verenigbaar zijn van boeddhisme en wetenschap. En dit is dus sociale wetenschap.
Ter verkoming van misverstand: ik maak alleen een vergelijking, therapie is wat anders!
Eigenlijk ben ik voor het gilde-model:
Er is de meester, er is de gezel en er is de leerling
Je begint als leerling, na een paar jaar ben je gezel; en weer na een paar jaar ben je meester, d.w.z. kan en mag je zelfstandig werken.
Een paar jaar, langer niet.
Natuurlijk ben je dan (in de meeste gevallen) nog niet 'ontwaakt', nog niet 'verlicht', iets wat trouwens in de diverse boeddhistische tradities heel verschillende betekenissen wordt gegeven. Maar je moet het verder zelf doen. Collegiaal overleg met anderen, kalyana mitta's, blijft daarbij zeer nuttig, ook met de ex-leraren, dan wel in een horizontale relatie waarbij het helemaal niet moeilijk is te onderkennen dat die ander mogelijk verder is op het boeddhistische pad.
Over de term 'kalyana mitta/mitra', 'de spirituele vriend' .
Daarover heb ik me, toen ik me op vandaag voorbereidde, een heel interessant artikel gelezen van de Italiaanse boeddholoog Francesco Sferra over The Role of the kalyanamitra .
Sferra gaat in dit artikel per boeddhistische traditie na wat er over deze functie wordt gezegd.
In de vroege boeddhistische teksten komt de term kalyanamitta regelmatig voor. Met een vrij losse, wat variërende betekenis. Soms algemeen 'goed mens' of 'goede vriend', soms specifieker: meditatie-instructeur, senior-monnik die meer weet en wijzer is. Het is een functie die in principe iedereen in de sangha kan vervullen, op zijn beurt (of haar beurt).
In de Mahayana bleef dit deels nog zo, maar er ontstond in de loop van de eeuwen steeds meer het accent op de functie door één persoon, de leraar dus. Sferra benadrukt dat in deze teksten dat kalyanamitra als schaars iemand wordt beschreven: weinigen kunnen het. De functie is dan geëvalueerd naar de spirituele gids.
In het Tibetaanse, het Tantrische boeddhisme, komt de term weinig voor, af en toe als synoniem van guru, voortgekomen uit het Hindoeistische Tantrisme.
Ik kan me het best vinden in een uitspraak van Buddhadasa Bhikkhu, de Thaise monnik die niet steeds gewaardeerd werd door het boeddhistische establisment van zijn land. Ik citeer ( door mij vertaald ):
" En dan is er wat ze noemen de "acariya (leraar, de meester)".
Maar in werkelijkheid spreken ze zelfs in de oude trainingssystemen niet vaak over de “acariya”.
Zij noemen zo'n persoon de “goede vriend (kalayana-mitta)”. Een “vriend” is een adviseur,
die met bepaalde dingen kan helpen.
We moeten echter niet het principe vergeten dat niemand in directe zin iemand kan helpen.
Vandaag de dag wil iedereen een leraar hebben om hem of haar te supersviseren!.
Een “goede vriend” is iemand met intensieve persoonlijke ervaring en kennis over de
meditatie-praktijk. Alhoewel hij in staat is om vragen te beantwoorden en moeilijkheden
te bespreken is het niet nodig dat hij steeds naast ons zit en elke ademhaling superviseert.”
Als samenvatting van het eerste deel van m'n inleiding
- een jaar een leraar is nodig;
- een paar jaar is nuttig;
- daarna kan beoefenen met spirituele vriend of in leraarloze groep prima;
levenslange afhankelijkheid echter van de leraar is ongewenst en onvolwassen.
Natuurlijk ben je na een jaar niet 'klaar'; dat zou naïef zijn zoals iemand mij in de voorbereiding op dit symposium verweet. Maar wel ver genoeg om op eigen benen te staan, met steun van en samen met wat vrienden. Kalyana mitta's waarmee ik het ook oneens kan zijn; wat bij Aziatische leraren ondenkbaar is.
Zo ben ik het niet eens met degenen bij wie ik mediteer over het belang van de samatha-meditatie en het bereiken van jhana's (u weet wel, de term waar het woord 'Zen' vandaan komt); ik acht dat van groot belang, zij vinden de beoefening van alleen vipassana de beste weg.
= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =
Tweede deel: de schaduwkant van het boeddhistisch leraarschap
Die schaduwkanten zijn er ook; de latente problemen in de leerling-leraar relatie kunnen manifest worden.
Gevaar van leraar:
- de grote afhankelijkheid, zoals al in eerste deel genoemd; psychologische afhankelijkheid
dus, die de groei van de beoefenaar bemoeilijkt
- misbruik (seksueel, financieel)
Het eerste gebeurt min of meer regelmatig;
het tweede gebeurt in klein percentage maar als het gebeurt, is het ernstig.
In Nederland is er geen zelfreinigend vermogen van fout boeddhisme. Men durft niets van elkaar te zeggen, niets van Rients Ritskes bijvoorbeeld of van Genpo, van Dhammawiranatha, van Mattioli, en ook niet van Sogyal Rinpoche.
Een paar maanden geleden kreeg ik een mail van een in Birma wonende monnik (Bhante Dhammaka) ; één van zijn boeken was van het Engels naar het Nederlands vertaald door de uitgeverij van Dhammawiranata (titel: '365 Uitspraken van de Boeddha') . Nadat hij toestemming had gegeven voor die vertaling had hij nooit meer iets gehoord, alleen vage geruchten. Ik heb hem geschreven wat ik wist, heel voorzichtig.
Tja, was de reactie vanuit Birma: als er met een monnik iets mis is, gaat het bijna altijd om seks of om geld, en bij deze heer betreft het kennelijk beide zaken.
Het gaat kennelijk in alle tradities wel mis; meer dan men wil weten,
Zeker in Nederland is de mantel der liefde heel breed:
* In Theravada zoals boven blijkt, met Dhammawiranatha
* En bij Zen (Genpo, bij de hier aanwezigen ook bekend) en in VS wonende Japanners Eido Shimano en Josju Sasaki.
* En in Tibetaans boeddhisme (Trungpa, van de crazy wisdom) en ook de binnenkort weer naar Nederland komende Sogyal Rinpoche. In de pers en op Youtube zijn diverse getuigenissen van door hem misbruikte vrouwen te vinden; maar in Nederland is daarover niets te vinden, behalve een blog van Ron Sinnige van een paar jaar geleden. Afgelopen week heeft de site van *OpenBoeddhisme* in een serie over de Dalai Lama een aantal nooit aan hem gestelde vragen geformuleerd.
En in de sector geld (d.w.z. veel geld durven vragen voor nepcursussen) en gedoe met titels noem ik nog maar eens Rients Ritskes.
Of om de Thaise organisatie Dhammakaya die ook in Europa tempels heeft; die in Nederland heeft maar kort bestaan; ik ben een paar dagen in de tempel van ze in België geweest en kon ervaren hoe sterk ze de leken die de tempel bezochten, probeerden geld af te troggelen.
Als het om geld gaat, ben ik geneigd om te denken: kwalijk maar ook dom om zo makkelijk te geven; maar bij seks, ontucht dus, ligt anders.
Algemene morele regel (van mij) :
Overal waar sprake is van afhankelijkheid, van een afhankelijkheidsrelatie, daar is seks niet toegestaan.
Niet bij de psychotherapeut, niet bij de leraar, niet met kinderen, niet bij de geestelijk verzorger etc.
Lees maar eens wat Irving Yalom, schrijver van onder andere Nietzsches Tranen, over seks in de therapeutische relatie schrijft; hij keurt het onverkort af.
Wat is tegen fout gedrag van een leraar, of risico's daarop, te doen?
Afdoende is niets, er is menselijk tekort, er is naast een Boeddha-Natuur die mensen kennelijk hebben ook een Mara-Natuur (onze geneigdheid tot het kwaad zoals ik in m'n jeugd leerde en nog steeds niet ben afgeleerd). Maar wel iets, ik noem vier punten:
* Meer moed in de boeddhistische gemeenschap, daar ontbreekt het nu aan. Eén van de
weinigen die die moed wel heeft gehad, is Joanne Halifax geweest, met haar open brief.
* Het voor boeddhistische leraren, geestelijk verzorgers en vrijwilligers die werken
met financiën, een 'Verklaring Omtrent het Gedrag' (afgekort als VOG) verplicht stellen.
Dit geïnspireerd door het besluit van de R.K. Kerk, dit per 1 januari 2014 voor priesters,
diakens, pastoraal werkers, religieuzen en bepaalde vrijwilligers verplicht te stellen.
De aanleiding lijkt me duidelijk. We mogen niet aannemen dat boeddhisten moreel
superieur t.o.v. katholieken zijn. (Zie hier )
* Een soort consumentenorganisatie van boeddhisten, algemener:
consumentenfunctie van een op te richten vereniging van boeddhisten,
nadat de BUN zich heeft afgeheven; met die 'Leidraad'
* En boeddhistische journalistiek, door de BOS-televisie altijd verwaarloosd;
misschien moet BoeddhaMagazine toch maar blijven?
= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =
Ik had vooraf de andere inleiders een paar vragen gesteld. Die ga ik hier niet herhalen. Eentje wel, aan André geadresseerd; in iets andere bewoordingen, een onderzoeksvoorstel als samenvatting.
Er is de theorie (in bv Zen maar nog heftiger in Vajrayana met hun guru-devotie) dat een diepe intensieve relatie leraar-leerling noodzakelijk is;
En er is de theorie die ik een beetje Theravada-achtig noem van minder diep, minder persoonlijk, uitwisselbaar. (Ik denk dat mijn model effectiever omdat er één gehechtheid minder is waarvan de beoefenaar zich los moet maken, voordat verlichting mogelijk is: de gehechtheid aan de leraar. )
Er zou onderzoek gedaan kunnen worden op gedragswetenschappelijke manier; welk van de twee methoden het beste werkt, bv het hoogste percentage bodhisattva's of arhats of grote verlichtingservaringen oplevert; bijvoorbeeld na één, na drie en na vijf jaar.
Kan dat? Minstens als gedachtenexperiment? Rare gedachte, zo'n onderzoek?
Waarom? We zijn toch voor upaya, voor skilful means? Voor wat werkt?
Tot slot een citaat van Mu Soeng, voormalig directeur van de Insight Meditation Society en ex monnik in de Koreaanse Zen. Ik citeer uit de vertaling van de St. Vrienden van het Boeddhisme:
“... in de VS lijkt het wel of iedereen zo snel mogelijk leraar wil worden.
Vervolgens begint de strijd om de student – centra, boeken, mediabereik –
en dit gaat ten koste van de zuiverheid van de motivatie.
Vroeger werd je monnik en bleef je vijftig jaar monnik zonder te talen naar
leraarschap. Van de 10.000 monniken werd er misschien één leraar.
Tegenwoordig wordt één op de tien studenten leraar.”
Ik moest toen ik dat las, wel aan al die leraren van Zen.Nl denken.
======================================================================
Dit heb ik maar deels uit kunnen spreken, omdat de gespreksleidster (Annemiek Schrijver, een Sogyal-adept) me weinig subtiel afhamerde voor ik aan het tweede deel kon beginnen.
Dat was een beetje mijn schuld omdat m'n inleiding te lang was.
Maar ook omdat zij duidelijk (bleek later in de discussie) niets van de schaduwkant van het leraar-zijn wilde weten.
Bevorderlijk voor m'n concentratie was ook niet dat de spreekster voor me de lachers op haar hand had met het verhaal over haar seksuele gevoelens voor haar guru destijds; met de slotvraag op hilarische toon van de gespreksleidster: 'En, ben je met nou hem naar bed geweest?'
Verder ben ik waarschijnlijk ook niet zo'n goed spreker in het openbaar en schrijf ik liever.
Eén voorbeeld van de ambiance die avond: het ging over devotie; dat is iets waar ik ook mee bezig ben, maar bijna iedereen bleek devotie richting leraar te bedoelen; en ik dus niet.
Maar goed, het boek van Nico ga ik wel alsnog lezen: 'Transmissie en transcendentie; Bespiegelingen over inwijding, leraar en leerling '
Waarom ik slechts een deel uitgesproken heb en over de ambiance die avond schrijf ik onderaan nog wat.
=====================================================================

De werktitel die ik zelf de afgelopen weken aan dit praatje van heb gegeven, is:
transport, tranen en transcendentie .
Met een knipoog naar de titel van het boek van Nico, toch de aanleiding tot dit symposium (dit woord betekent: geleerd gesprek; daaraan probeer ik me te houden, evenals aan het kwartier spreektijd.)
– Die 'transcendentie' van Nico deel ik: boeddhisme is meer dan een levensfilosofie; niet alleen omdat het ook over de dood gaat, maar vooral ook over zingeving, in laatste instantie een niet-rationeel gebeuren.
Devotie is ook een aspect van de beoefening, zelfs al is men zich er niet van bewust (alleen, vooruitlopend op de rest van mijn verhaal: niet zozeer devotie richting leraar)
– Het 'transport' heeft betrekking op het Edele Achtvoudige Pad dat de beoefenaar gaat; 'traject' is wellicht een nog betere term.
– En 'tranen' gaat over de schaduwzijden van de leerling-leraar verhouding; daarover gaat het tweede deel van m'n praatje. Eigenlijk: over de manifeste schaduwzijden, over de latente heb ik al al eerder.
Leerling en leraar lijkt me een betere titel dan omgekeerd; het gaat toch om de leerling, de leraar is middel.
Men kan zeggen een leraar heeft een leerling nodig om leraar te zijn.
Andersom heeft een leerling géén leraar nodig om leerling te zijn, 'leerling' als reiziger op het Pad .
Dit sluit aan bij een definitie die Stephen Batchelor ooit gegeven heeft: een leraar is iemand die leerlingen heeft, punt.
Het leraar is middel, zei ik: het doel is de bevrijding, het Ontwaken, de Verlichting, het Bodhisattva-schap, van de individu die men aan het begin van zijn of haar spirituele carrière 'leerling' noemt.
'Bij zen is de verhouding leraar-leerling een heel bijzondere', wordt in de aankondiging gezegd; ik houd echter een breder boeddhistisch verhaal, niet alleen over Zen en niet alleen het (positief) bijzondere, ook de schaduwkanten van het leraar zijn.
Eerst echter stel ik de vraag of Zen ook boeddhisme is n.a.v. een recent artikel van Edel Maex, dat eigenlijk de vraag inhield of Zen een religie is.
Antwoord van mij en waarschijnlijk ook door Nico op beide vragen: ja
Gelukkig maar, want als Zen of een Zen-beoefenaar zicht niet als boeddhistisch beschouwt, dan is een discussie over de leraar, zoals ik me die voorstel, niet mogelijk. Want dan zou men over mijn 'boeddhistische meetlat' kunnen zeggen: bemoei je met je eigen zaken.
We moeten er dus vanavond van uit gaan dat Zen, Theravada en Tibetaans boeddhisme iets gemeenschappelijks hebben; bv ten aanzien van de leerling-leraar-verhouding,
Een leraar is zeker nodig, voor nieuwe Westerse boeddhisten. Voor een jaar of zo.
Later ook nog wel kalyana mitta (Pali vorm) of mitra (Sanskriet) nuttig.
Naast de vraag hoe lang een leerling de leraar nodig heeft, is er de vraag: hoe diep?
Hoe persoonlijk ook?
Waarom moet die relatie DIEP zijn, persoonlijk, vergelijkbaar met die van de therapeut-client (de ouderwetse, psychoanalytisch angehauchte therapeut dan, bij gedragstherapeut ligt het anders) ?
Vanuit de leerling gezien is de vraag: wanneer gaat het 'bewonderen' van de leraar over in het 'vereren'?
Het 'bewonderen' zie ik daarbij als noodzakelijk in het groeiproces, als heilzaam dus. Het 'vereren', het 'verheerlijken' echter is in mijn benadering onheilzaam; want het betekent stagnatie, er gebeurt niets meer in het spirituele proces.
Het gaat vandaag eigenlijk niet om de leraar. Het gaat om de leerling. Of zou daar om moeten gaan.
Om de vraag: hoe moet je starten op je boeddhistische pad, bv hoe kies je een leraar (if any)?
En om de vraag: waarom blijf je alsmaar bij je leraar, ben je nou nog steeds niet volwassen?
Verleden jaar heb ik een zeer nuttige Duitse notitie hierover vertaald:
Heilzame en onheilzame structuren van groepen. (Zie hier )
Het wordt door de Deutsche Buddhistische Union een leidraad genoemd, die als doel heeft om de mensen hulp en ondersteuning te geven die hun lidmaatschap van boeddhistische of andere groeperingen nog eens kritisch willen overwegen.
Jammer dat de BUN dit niet van haar Duitse zusterorganisatie heeft overgenomen; maar ja ….
Een paar van de vragen die een beoefenaar (leerling dus) zichzelf kan stellen:
* Heb ik de indruk dat ik de groep net zo makkelijk kan verlaten als toen ik er binnenkwam?
* Heb ik de vrije keuze om contacten binnen en buiten de groep te onderhouden?
* Kan ik bekritiseren zonder te worden gediscrimineerd of veroordeeld?
* Zijn er contacten en uitwisselingen met andere groepen en leraren?
* Is er een bevestiging door andere erkende leraren?
* Ontstaat er afhankelijkheden in de relatie tussen leraar en leerling?
* Is er financiële transparantie in de organisatie?
* Heb ik mijn financiële onafhankelijkheid weggegeven?
* Geef ik meer uit (aan de groep) dan in mijn omstandigheden verstandig is?
* Worden optredende schuldgevoelens gebruikt of zelfs versterkt; of wordt
er hulp geboden in het overwinnen ervan?
* Is er sprake van laster, verkeerde informatie of minachting voor critici,
andersdenkenden of andere groepen, leraren of tradities?
De conclusie luidt, ik citeer nog steeds:
“Heilzame structuren worden gekenmerkt door openheid, ook voor vragen en kritiek.
Leerlingen hebben in zulke structuren ruimte om eigen en ook afwijkende meningen te uiten.
Zij kunnen het geleerde door eigen studie toetsen.
Het staat hen vrij de groep of de leraar op elk door hen gekozen moment te verlaten. ”
Wat zeggen de oude geschriften, bv de Maha Parinibbana Sutta over de laatste weken uit het leven van de Boeddha, die tegen een verdrietige Ananda spreekt:
"En zij, Ananda, die nu leven of zij die leven wanneer ik ben heengegaan, als zij als een eiland voor zichzelf zijn, als zij een toevlucht voor zichzelf zijn, en geen andere toevlucht zoeken; diegenen die de Dhamma als hun eiland en toevlucht hebben en geen andere toevlucht zoeken; zij zijn het die het hoogste zullen bereiken indien zij verlangend zijn om te leren."
en
"En de Heer zei tegen de Eerwaarde Ananda: "Het kan zijn, Ananda, dat in sommigen van jullie de gedachte opkomt: 'De instructies van de Meester zijn er niet meer; wij hebben geen Leraar meer.' Maar zo, Ananda, moet dat niet worden gezien. Want, Ananda, dat wat ik verkondigd heb en bekend gemaakt heb als de Dhamma en de Discipline, dat zal jullie Leraar zijn nadat ik ben heengegaan."
In feite ondermijnt deze sutta-tekst de lineage-mythe, de 'transmissie' dus waar Nico het over heeft.
En dan de Drievoudige Toevlucht; een ander wezenlijk onderdeel van het 'Boeddhist zijn', ook van de zen-beoefenaar neem ik aan: in de Boeddha, de Dharma/Dhamma en in de Sangha.
Mijn stellige indruk is dat in het Mahayana in de loop der eeuwen de toevlucht in Dharma en Sangha is verschoven naar toevlucht tot (in) de leraar.
Bij het Tibetaanse (tantrische) boeddhisme is het toevlucht nemen tot de leraar met de 'guru-devotie' helemaal in de plaats gekomen van de drievoudige toevlucht .
Vergelijking van de leerling-leraar verhouding naar andere niet-symmetrische relaties; bv
* cliënt/patiënt met therapeut in de psychotherapie
* de route leerling – gezel – meester in het gilde-model
* leerling en leraar in de zin van onderwijzer
* vroedvrouw, of vroedman zoals een Zennie schreef, maar dan zonder claim op jaren nazorg
* de tomtom en de reiziger (transport, weet u wel: het achtvoudige pad van de leerling)
Het psychotherapie-model – ik heb het net al gezegd en herhaal het graag – is bruikbaar ten behoeve van de vraag: hoe 'diep' moet de relatie leerling-leraar in het boeddhisme zijn?
Hoe 'persoonlijk' moet de involvering in elkaar zijn? Het niveau van de psychoanalyse of het niveau van gedragstherapie bv?
Wat is bij het antwoord op die vraag bepalend: het argument van de traditie of het argument van de effectiviteit van de methode?
Merkwaardig genoeg lees ik dit soort vragen nooit, terwijl veel boeddhisten toch de mond vol hebben van het verenigbaar zijn van boeddhisme en wetenschap. En dit is dus sociale wetenschap.
Ter verkoming van misverstand: ik maak alleen een vergelijking, therapie is wat anders!
Eigenlijk ben ik voor het gilde-model:
Er is de meester, er is de gezel en er is de leerling
Je begint als leerling, na een paar jaar ben je gezel; en weer na een paar jaar ben je meester, d.w.z. kan en mag je zelfstandig werken.
Een paar jaar, langer niet.
Natuurlijk ben je dan (in de meeste gevallen) nog niet 'ontwaakt', nog niet 'verlicht', iets wat trouwens in de diverse boeddhistische tradities heel verschillende betekenissen wordt gegeven. Maar je moet het verder zelf doen. Collegiaal overleg met anderen, kalyana mitta's, blijft daarbij zeer nuttig, ook met de ex-leraren, dan wel in een horizontale relatie waarbij het helemaal niet moeilijk is te onderkennen dat die ander mogelijk verder is op het boeddhistische pad.
Over de term 'kalyana mitta/mitra', 'de spirituele vriend' .
Daarover heb ik me, toen ik me op vandaag voorbereidde, een heel interessant artikel gelezen van de Italiaanse boeddholoog Francesco Sferra over The Role of the kalyanamitra .
Sferra gaat in dit artikel per boeddhistische traditie na wat er over deze functie wordt gezegd.
In de vroege boeddhistische teksten komt de term kalyanamitta regelmatig voor. Met een vrij losse, wat variërende betekenis. Soms algemeen 'goed mens' of 'goede vriend', soms specifieker: meditatie-instructeur, senior-monnik die meer weet en wijzer is. Het is een functie die in principe iedereen in de sangha kan vervullen, op zijn beurt (of haar beurt).
In de Mahayana bleef dit deels nog zo, maar er ontstond in de loop van de eeuwen steeds meer het accent op de functie door één persoon, de leraar dus. Sferra benadrukt dat in deze teksten dat kalyanamitra als schaars iemand wordt beschreven: weinigen kunnen het. De functie is dan geëvalueerd naar de spirituele gids.
In het Tibetaanse, het Tantrische boeddhisme, komt de term weinig voor, af en toe als synoniem van guru, voortgekomen uit het Hindoeistische Tantrisme.
Ik kan me het best vinden in een uitspraak van Buddhadasa Bhikkhu, de Thaise monnik die niet steeds gewaardeerd werd door het boeddhistische establisment van zijn land. Ik citeer ( door mij vertaald ):
" En dan is er wat ze noemen de "acariya (leraar, de meester)".
Maar in werkelijkheid spreken ze zelfs in de oude trainingssystemen niet vaak over de “acariya”.
Zij noemen zo'n persoon de “goede vriend (kalayana-mitta)”. Een “vriend” is een adviseur,
die met bepaalde dingen kan helpen.
We moeten echter niet het principe vergeten dat niemand in directe zin iemand kan helpen.
Vandaag de dag wil iedereen een leraar hebben om hem of haar te supersviseren!.
Een “goede vriend” is iemand met intensieve persoonlijke ervaring en kennis over de
meditatie-praktijk. Alhoewel hij in staat is om vragen te beantwoorden en moeilijkheden
te bespreken is het niet nodig dat hij steeds naast ons zit en elke ademhaling superviseert.”
Als samenvatting van het eerste deel van m'n inleiding
- een jaar een leraar is nodig;
- een paar jaar is nuttig;
- daarna kan beoefenen met spirituele vriend of in leraarloze groep prima;
levenslange afhankelijkheid echter van de leraar is ongewenst en onvolwassen.
Natuurlijk ben je na een jaar niet 'klaar'; dat zou naïef zijn zoals iemand mij in de voorbereiding op dit symposium verweet. Maar wel ver genoeg om op eigen benen te staan, met steun van en samen met wat vrienden. Kalyana mitta's waarmee ik het ook oneens kan zijn; wat bij Aziatische leraren ondenkbaar is.
Zo ben ik het niet eens met degenen bij wie ik mediteer over het belang van de samatha-meditatie en het bereiken van jhana's (u weet wel, de term waar het woord 'Zen' vandaan komt); ik acht dat van groot belang, zij vinden de beoefening van alleen vipassana de beste weg.
= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =
Tweede deel: de schaduwkant van het boeddhistisch leraarschap
Die schaduwkanten zijn er ook; de latente problemen in de leerling-leraar relatie kunnen manifest worden.
Gevaar van leraar:
- de grote afhankelijkheid, zoals al in eerste deel genoemd; psychologische afhankelijkheid
dus, die de groei van de beoefenaar bemoeilijkt
- misbruik (seksueel, financieel)
Het eerste gebeurt min of meer regelmatig;
het tweede gebeurt in klein percentage maar als het gebeurt, is het ernstig.
In Nederland is er geen zelfreinigend vermogen van fout boeddhisme. Men durft niets van elkaar te zeggen, niets van Rients Ritskes bijvoorbeeld of van Genpo, van Dhammawiranatha, van Mattioli, en ook niet van Sogyal Rinpoche.
Een paar maanden geleden kreeg ik een mail van een in Birma wonende monnik (Bhante Dhammaka) ; één van zijn boeken was van het Engels naar het Nederlands vertaald door de uitgeverij van Dhammawiranata (titel: '365 Uitspraken van de Boeddha') . Nadat hij toestemming had gegeven voor die vertaling had hij nooit meer iets gehoord, alleen vage geruchten. Ik heb hem geschreven wat ik wist, heel voorzichtig.
Tja, was de reactie vanuit Birma: als er met een monnik iets mis is, gaat het bijna altijd om seks of om geld, en bij deze heer betreft het kennelijk beide zaken.
Het gaat kennelijk in alle tradities wel mis; meer dan men wil weten,
Zeker in Nederland is de mantel der liefde heel breed:
* In Theravada zoals boven blijkt, met Dhammawiranatha
* En bij Zen (Genpo, bij de hier aanwezigen ook bekend) en in VS wonende Japanners Eido Shimano en Josju Sasaki.
* En in Tibetaans boeddhisme (Trungpa, van de crazy wisdom) en ook de binnenkort weer naar Nederland komende Sogyal Rinpoche. In de pers en op Youtube zijn diverse getuigenissen van door hem misbruikte vrouwen te vinden; maar in Nederland is daarover niets te vinden, behalve een blog van Ron Sinnige van een paar jaar geleden. Afgelopen week heeft de site van *OpenBoeddhisme* in een serie over de Dalai Lama een aantal nooit aan hem gestelde vragen geformuleerd.
En in de sector geld (d.w.z. veel geld durven vragen voor nepcursussen) en gedoe met titels noem ik nog maar eens Rients Ritskes.
Of om de Thaise organisatie Dhammakaya die ook in Europa tempels heeft; die in Nederland heeft maar kort bestaan; ik ben een paar dagen in de tempel van ze in België geweest en kon ervaren hoe sterk ze de leken die de tempel bezochten, probeerden geld af te troggelen.
Als het om geld gaat, ben ik geneigd om te denken: kwalijk maar ook dom om zo makkelijk te geven; maar bij seks, ontucht dus, ligt anders.
Algemene morele regel (van mij) :
Overal waar sprake is van afhankelijkheid, van een afhankelijkheidsrelatie, daar is seks niet toegestaan.
Niet bij de psychotherapeut, niet bij de leraar, niet met kinderen, niet bij de geestelijk verzorger etc.
Lees maar eens wat Irving Yalom, schrijver van onder andere Nietzsches Tranen, over seks in de therapeutische relatie schrijft; hij keurt het onverkort af.
Wat is tegen fout gedrag van een leraar, of risico's daarop, te doen?
Afdoende is niets, er is menselijk tekort, er is naast een Boeddha-Natuur die mensen kennelijk hebben ook een Mara-Natuur (onze geneigdheid tot het kwaad zoals ik in m'n jeugd leerde en nog steeds niet ben afgeleerd). Maar wel iets, ik noem vier punten:
* Meer moed in de boeddhistische gemeenschap, daar ontbreekt het nu aan. Eén van de
weinigen die die moed wel heeft gehad, is Joanne Halifax geweest, met haar open brief.
* Het voor boeddhistische leraren, geestelijk verzorgers en vrijwilligers die werken
met financiën, een 'Verklaring Omtrent het Gedrag' (afgekort als VOG) verplicht stellen.
Dit geïnspireerd door het besluit van de R.K. Kerk, dit per 1 januari 2014 voor priesters,
diakens, pastoraal werkers, religieuzen en bepaalde vrijwilligers verplicht te stellen.
De aanleiding lijkt me duidelijk. We mogen niet aannemen dat boeddhisten moreel
superieur t.o.v. katholieken zijn. (Zie hier )
* Een soort consumentenorganisatie van boeddhisten, algemener:
consumentenfunctie van een op te richten vereniging van boeddhisten,
nadat de BUN zich heeft afgeheven; met die 'Leidraad'
* En boeddhistische journalistiek, door de BOS-televisie altijd verwaarloosd;
misschien moet BoeddhaMagazine toch maar blijven?
= = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = = =
Ik had vooraf de andere inleiders een paar vragen gesteld. Die ga ik hier niet herhalen. Eentje wel, aan André geadresseerd; in iets andere bewoordingen, een onderzoeksvoorstel als samenvatting.
Er is de theorie (in bv Zen maar nog heftiger in Vajrayana met hun guru-devotie) dat een diepe intensieve relatie leraar-leerling noodzakelijk is;
En er is de theorie die ik een beetje Theravada-achtig noem van minder diep, minder persoonlijk, uitwisselbaar. (Ik denk dat mijn model effectiever omdat er één gehechtheid minder is waarvan de beoefenaar zich los moet maken, voordat verlichting mogelijk is: de gehechtheid aan de leraar. )
Er zou onderzoek gedaan kunnen worden op gedragswetenschappelijke manier; welk van de twee methoden het beste werkt, bv het hoogste percentage bodhisattva's of arhats of grote verlichtingservaringen oplevert; bijvoorbeeld na één, na drie en na vijf jaar.
Kan dat? Minstens als gedachtenexperiment? Rare gedachte, zo'n onderzoek?
Waarom? We zijn toch voor upaya, voor skilful means? Voor wat werkt?
Tot slot een citaat van Mu Soeng, voormalig directeur van de Insight Meditation Society en ex monnik in de Koreaanse Zen. Ik citeer uit de vertaling van de St. Vrienden van het Boeddhisme:
“... in de VS lijkt het wel of iedereen zo snel mogelijk leraar wil worden.
Vervolgens begint de strijd om de student – centra, boeken, mediabereik –
en dit gaat ten koste van de zuiverheid van de motivatie.
Vroeger werd je monnik en bleef je vijftig jaar monnik zonder te talen naar
leraarschap. Van de 10.000 monniken werd er misschien één leraar.
Tegenwoordig wordt één op de tien studenten leraar.”
Ik moest toen ik dat las, wel aan al die leraren van Zen.Nl denken.
======================================================================
Dit heb ik maar deels uit kunnen spreken, omdat de gespreksleidster (Annemiek Schrijver, een Sogyal-adept) me weinig subtiel afhamerde voor ik aan het tweede deel kon beginnen.
Dat was een beetje mijn schuld omdat m'n inleiding te lang was.
Maar ook omdat zij duidelijk (bleek later in de discussie) niets van de schaduwkant van het leraar-zijn wilde weten.
Bevorderlijk voor m'n concentratie was ook niet dat de spreekster voor me de lachers op haar hand had met het verhaal over haar seksuele gevoelens voor haar guru destijds; met de slotvraag op hilarische toon van de gespreksleidster: 'En, ben je met nou hem naar bed geweest?'
Verder ben ik waarschijnlijk ook niet zo'n goed spreker in het openbaar en schrijf ik liever.
Eén voorbeeld van de ambiance die avond: het ging over devotie; dat is iets waar ik ook mee bezig ben, maar bijna iedereen bleek devotie richting leraar te bedoelen; en ik dus niet.
Maar goed, het boek van Nico ga ik wel alsnog lezen: 'Transmissie en transcendentie; Bespiegelingen over inwijding, leraar en leerling '
Labels:
boeddhisme in Nederland,
geëngageerd boeddhisme,
leraar,
Pali-Canon,
Zen
zaterdag 19 april 2014
Ook naar het 8 mei symposium over leerling en leraar Zen, leraarschap en boeddhisme; en een artikel over geloof, identiteit, macht : allemaal lastige combinaties
BoeddhaMagazine (Asoka/Milinda) heeft een symposium georganiseerd over
de 'verhouding leraar - leerling' . Met name over die verhouding binnen de Zen-traditie.
Het vindt plaats op donderdag 8 mei van 17.00 tot 20.00 uur in De Roos te Amsterdam.
Inleidingen:
* 'Transmissie en transcendentie. Bespiegelingen over inwijding, leraar en leerling'
door Nico Tydeman (dit is ook de titel van het boek dat aanleiding is voor dit symposium)
* 'Leraar en leiderschap' door Brigitte van Baren
* 'Hoe belangrijk is de rol van een leraar?' door André van der Braak
* 'Mijn ervaring met een guru' door Lisette Thooft
Annemiek Schrijvers is gespreksleider.
Ik mag ook - laat toegevoegd - het woord voeren. Over wat ik hieronder in deze blog schrijf.
En over wat de Boeddha zelf heeft gezegd over de leraar (niet helemaal Zen).
Maar ook over de schaduwkanten van de leerling-leraar-verhouding: het latente gevaar van de afhankelijkheid van de leraar die manifest kan worden; en ook wel ìs geworden.
Zie verder het programma in 'BoeddhaMagazine'.
Toen organisator Nina Nannini (van uitgever Milinda) het thema van dit symposium aan de orde stelde in een discussiegroep van LinkedIn, heb ik daar hartstochtelijk aan meegedaan.
Zo vrolijk dat Nina en ik het eens werden over de suggestie dat ik op dit symposium ook een inleiding ga geven, gelardeerd met kritische vragen. Als aanvulling op de bestaande agenda dus.
Werktitel: traject, tranen en transcendentie ; verwijzend naar het doel van het boek van Nico, naar het (Achtvoudige) Pad dat de leerling gaat, en naar de gevaren van die verhouding.
Ik schreef: "Als ik op 8 mei het woord zal mogen voeren ... zal ik het vanuit algemeen boeddhistisch kader doen. Ik ga er daarbij van uit dat Zen zichzelf als 'boeddhisme' beschouwt, anders houdt het op.
En ik zal het niet alleen over de noodzaak van de leraar (voor de beginneling) hebben maar ook over de schaduwkanten.
M'n centrale vraag zal zijn: hoe DIEP moe de relatie leraar-leerling, en de relatie leerling-leraar (want er is geen symmetrie) eigenlijk zijn? Misschien is niet zo diep en niet zo lang wel zo effectief."
Vragen heb ik ook aan de andere inleiders. Omdat ik de laatste ben, stel ik ze hier al.
Vragen aan Nico Tydeman:
* Je noemt je guru en kalyana mitta (spirituele vriend) en mystagoog;
maar waarom niet ook 'pandit' (vgl Wilber): iemand die informatie
over de dharma overdraagt en instructies geeft?
* Als ik leerlingen van je hoor die je nadrukkelijk bewonderen, ja zelfs verheerlijken,
dan denk ik: dat is ook niet leuk voor Nico. Want dit soort bewondering
streelt het ego en bemoeilijkt dus je bevrijding. Vraag: deel je die zorg?
Wanneer gaat het heilzame bewonderen over in het onheilzame vereren?
Een vraag over leraar en leiderschap voor Brigitte van Baren:
* Is het, naast nadenken over leiderschap, niet minstens zo interessant ons te verdiepen
in (spiritueel) volgelingschap? Bijvoorbeeld: hoe kiest een volgeling zijn of haar leider?
Of hoort 'leiderschap' juist bij de leerling en niet primair bij de leraar?
* Een vraag voor de wetenschapper, en dat is André van der Braak (naast boeddhist,
hoewel geen sociaal wetenschapper):
Er is de theorie (in bv Zen maar nog heftiger in vajrayana met hun guru-devotie) dat een
diepe intensieve relatie leraar-leerling noodzakelijk is; en er is mijn theorie die ik beetje
Theravada-achtig noem van minder diep, minder persoonlijk, uitwisselbaar.
Er zou onderzoek gedaan kunnen worden op gedragswetenschappelijke manier
welk van de twee methoden het beste werkt, bv het hoogste percentage
bodhisattva/arhats of grote verlichtingservaringen oplevert; bijvoorbeeld na
één, na twee en na drie jaar. Kan dat? Minstens als gedachtenexperiment?
En een vraag voor Lisette Thooft, hoewel ik haar inleiding niet goed kan voorspellen:
* Stel dat je in contact met je guru het gevoel krijgt: dit is niet goed, hier is iets niet pluis; wat dan?
Waarschuw je bijvoorbeeld dan ook andere leerlingen?
==================================================================
Na het symposium zal ik mijn inleiding en mogelijk ook delen van andere bijdragen en van de discussie in deze blog zetten
Nu wil ik ingaan op wat ik een soort voorwaarde noemde: "Ik ga er daarbij van uit dat Zen zichzelf als 'boeddhisme' beschouwt, anders houdt het op." Daarmee bedoelde ik: als een beoefenaar van Zen duidelijk stelt dat Zen geen boeddhisme is, dan is een discussie vanuit boeddhistische principes (en zo'n type discussie wens ik te voeren) over een Zen-aspect niet mogelijk.
Er heeft zich een mooie aanleiding aangediend, hierover verder te contempleren; en een wat typische.
Eerst die laatste: de Zen-leraar Brad Warner spreekt over 'That dirty word "Buddhism"'. Zie zijn artikel met die titel in Hardcorezen ; maar ik begrijp hem in het algemeen niet zo goed.
Wie wel? De Zen-leraar (en nog veel meer) Edel Maex heeft op zijn website een artikel geschreven onder de titel 'Geloof, identiteit, macht '; daar staan een aantal punten in waar ik het zeer mee eens ben, maar ook een aantal punten waar ik het zeer oneens ben. Over die laatste punten wil het vooral hebben.
Zie Leven in de Maalstroom door Edel Maex .
En voor divers commentaar (vooral uit Zen-kringen): BoeddhistischDagblad van 8 april e.v.
Hieronder passages uit deze tekst van Edel, met (in ander lettertype) commentaar van mij.
==================================================================
Geloof, identiteit, macht door Edel Maex
In onze zengroep kwam de vraag op: ‘zijn wij nu boeddhisten?’ Ik merkte bij de aanwezigen bijzonder weinig animo om daar met ja op te antwoorden, ook bij mezelf niet. Iemand merkte een beetje schamper op: ‘Ik wil liever geen boeddhist zijn want dan moet ik in reïncarnatie gaan geloven’.
Deze mensen hebben kennelijk nooit iets gelezen van Stephen Batchelor,
bv diens 'Boeddhsime zonder geloof'.
De vraag was: ‘Willen wij het etiket boeddhist op onszelf plakken?’ Er was een gedeeld aanvoelen dat de identiteit boeddhist ons niet lekker zat.
...
Ik wil hier drie woorden bespreken die wat mij betreft niets (meer) met religie te maken hebben: geloof, identiteit en macht.
Het tussen haakjes zetten van 'geloof' vind ik nogal afgezaagd; zie m'n
opmerking hierboven over Batchelor en het herhaaldelijk door Westerse
boeddhisten verwijzen naar de Kalama-Sutta.
Geloof wordt ook heel snel tot een identiteit. ‘Ik ben boeddhist, christen, moslim, atheïst …. ’ (vul in voor jezelf). Vragen naar iemands geloof is vragen naar iemands identiteit.
… ook voor de westerse visie op religie. Daarom spraken we over een strijd tussen protestanten en katholieken in Noord-Ierland en spreken we nu in Birma over een conflict tussen boeddhisten en moslims terwijl het in beide gevallen gaat over conflicten tussen bevolkingsgroepen.
...
Op reis in Azië is het mij altijd opgevallen dat mensen daar, wanneer het over religie gaat, veel minder in identiteiten denken. ... Je kunt dit ‘een goed mens willen zijn’ als je wil ook een identiteit noemen. Maar het is dan wel een identiteit die mensen over alle verschillen en grenzen heen verbindt terwijl geloof als identiteit al onnoemelijk veel onheil veroorzaakt heeft. Waarom zouden we ons dan boeddhist moeten noemen? Waarom een kloof veroorzaken die haaks staat op onze praktijk?
Hier vliegt Edel Maex uit de bocht. Hij verwijst naar het streven naar
'verdiensten verwerven' van veel Aziatische boeddhisten, en dat is niet
alleen altruïstisch bedoeld door deze mensen (ze willen bv een betere wedergeboorte).
Maar belangrijker is nog de onduidelijkheid die hij aan het begrip 'identiteit ' hecht.
Kan een mens zonder identiteit? Nee, zegt Edel in feite, allerlei identiteiten zijn goed,
maar die van 'boeddhist' niet, want dat is een religieuze identiteit en die veroorzaakt
(burger)oorlog. Merkwaardig, is 'Zen-beoefenaar' dan zelf ook niet een identiteit?
Religie is nauw verweven met macht. Logisch als je van alles moet geloven en aan een identiteit moet beantwoorden. Die macht wordt waargenomen door instituten, priesters en leraren die zich beroepen op een hogere autoriteit. ‘De Boeddha, Christus, de Bijbel, Darwin zegt …’ (vul alweer in voor jezelf). Maar stel je voor dat iemand Einstein zou verguizen omdat hij Newton tegenspreekt. Een verworvenheid van de wetenschap is dat iedereen kan tegengesproken worden. Het is hoog tijd dat ook religie zich emancipeert.
Darwin hoort niet in zijn rijtje: we spreken van (toetsbare) evolutietheorie, niet van evolutieleer
Maar wat bedoelt Edel toch met 'Het is hoog tijd dat ook religie zich emancipeert ' ?
Alleen (groepen) mensen kunnen zich emanciperen, abstracties als 'religie' niet.
Bedoelt hij dan dat boeddhisten zich moeten emanciperen?
In zen wordt deze macht overgedragen van leraar op leraar. Bogend op een naadloze transmissie van hart tot hart die teruggaat tot de Boeddha noemt een zenleraar zich ‘iemand die leven-in-grondeloosheid belichaamt en van daaruit de blinde vlekken bij de leerling weet aan te wijzen’. De leraar erft de autoriteit van de Boeddha. (Een autoriteit die de oorspronkelijke Boeddha zichzelf niet eens toeschreef en dat expliciet ook niet wilde van zijn monniken.)
Niet verwonderlijk dat er in zen ongelofelijk krampachtig gedaan wordt over transmissie. Het is het meest begeerde bereiken. Al eeuwenlang leidt dit tot afgunst, lastercampagnes, bedrog, discussies over authenticiteit.
Kijk, hier kan ik het van harte mee eens zijn,
dat ga ik 8 mei ook de Nederlandse Zennies voorleggen.
Zijn er dan geen leraren? En kunnen die leraren niet tot een bepaald traditie behoren? Natuurlijk wel, maar niets daarvan hoeft op macht gestoeld te zijn.
Dit vind ik ongelofelijk naïef. Er spelen altijd in meerdere of mindere mate
machtsprocessen in sangha's. Behalve in een sangha met louter arhats of
volledige bodhisattva's, maar daar zijn er niet zo veel van in Nederland.
Kan de religie zich in de 21ste eeuw eindelijk emanciperen en de moderniteit binnentreden?
Als geloof, identiteit en macht in wezen niets met religie te maken hebben hoe zijn ze er dan zo mee verstrengeld geraakt? Religie speelt zich altijd af binnen een gemeenschap, binnen een cultuur. Geloof, identiteit en macht zijn geen kenmerken van religie maar van de gemeenschap waarbinnen ze beoefend werd. Ze maken als het ware deel uit van de interface tussen de cultuur en religie. Maar het is een interface die niet langer werkt.
Geloof, identiteit en macht hebben, waar en wanneer dan ook, met religie te
maken, of we dat leuk vinden of niet. Een religie construeren waarin dit niet
het geval is, is onmogelijk.
Stel dat Edel gelijk heeft en dat de interface tussen cultuur (hij bedoelt iets als de
sociaal-economische werkelijkheid, het dagelijks leven) en religie niet langer
werkt; moet er dan niet een nieuwe interface komen?
Het lijkt me van wel, maar hoe dan? 'Andere woorden en vormen ', zegt Edel.
Maar nogmaals: hoe bouw je met woorden en vormen een interface?
We hebben het een voor een onderuit gehaald, het moeten, de identiteit van boeddhist, de notie van geloven. Blijft er dan nog iets over? Wat overblijft is een open geest en een open hart en een onafdwingbaar en onweerlegbaar vertrouwen.
't Is mij te lief. Eén vraag slechts: vertrouwen waar in?
Toch niet in de goedheid van de mens, mag ik hopen?
Mag ik een suggestie doen waarin mogelijk wel: vertrouwen in de
correctheid van de drie karakteristieken (anicca, dukkha, anatta)
en de vier edele waarheden?
==================================================================
Aan 'de leraar' heb ik al veel blogteksten gewijd, een aantal er van zal ik 8 mei hergebruiken, bijvoorbeeld mijn voorstel tot een verplichte 'Verklaring Omtrent het Gedrag' voor leraren.
http://joopromeijn.blogspot.nl/2013/05/je-leraar-teleurstellen.html
http://joopromeijn.blogspot.nl/2013/05/heilzame-en-onheilzame-structuren-van.html
http://joopromeijn.blogspot.nl/2013/08/wat-doen-we-met-de-leraar.html
http://joopromeijn.blogspot.nl/2013/09/boeddhistisch-leiderschap-en.html
http://joopromeijn.blogspot.nl/2013/11/een-verklaring-omtrent-het-gedrag-voor.html
http://joopromeijn.blogspot.nl/2013/12/een-aantal-reacties-in-het.html daarvan paragraaf A
==================================================================
Als uitsmijter een citaat uit een (vertaald, uit Tricycle afkomstig) interview met Mu Soeng:
"Maar in de VS lijkt het wel of iedereen zo snel mogelijk leraar wil worden. Vervolgens begint de strijd om de student - centra, boeken, mediabereik – en dit gaat ten koste van de zuiverheid van de motivatie. Vroeger werd je monnik en bleef je vijftig jaar monnik zonder te talen naar leraarschap. Van de 10.000 monniken werd er misschien één leraar. Tegenwoordig wordt één op de tien studenten leraar. "
Bron: Seizoensblad SVB . 'Niet talen ': dat spreekt me wel aan.
de 'verhouding leraar - leerling' . Met name over die verhouding binnen de Zen-traditie.
Het vindt plaats op donderdag 8 mei van 17.00 tot 20.00 uur in De Roos te Amsterdam.
Inleidingen:
* 'Transmissie en transcendentie. Bespiegelingen over inwijding, leraar en leerling'
door Nico Tydeman (dit is ook de titel van het boek dat aanleiding is voor dit symposium)
* 'Leraar en leiderschap' door Brigitte van Baren
* 'Hoe belangrijk is de rol van een leraar?' door André van der Braak
* 'Mijn ervaring met een guru' door Lisette Thooft
Annemiek Schrijvers is gespreksleider.
Ik mag ook - laat toegevoegd - het woord voeren. Over wat ik hieronder in deze blog schrijf.
En over wat de Boeddha zelf heeft gezegd over de leraar (niet helemaal Zen).
Maar ook over de schaduwkanten van de leerling-leraar-verhouding: het latente gevaar van de afhankelijkheid van de leraar die manifest kan worden; en ook wel ìs geworden.
Zie verder het programma in 'BoeddhaMagazine'.
Toen organisator Nina Nannini (van uitgever Milinda) het thema van dit symposium aan de orde stelde in een discussiegroep van LinkedIn, heb ik daar hartstochtelijk aan meegedaan.
Zo vrolijk dat Nina en ik het eens werden over de suggestie dat ik op dit symposium ook een inleiding ga geven, gelardeerd met kritische vragen. Als aanvulling op de bestaande agenda dus.
Werktitel: traject, tranen en transcendentie ; verwijzend naar het doel van het boek van Nico, naar het (Achtvoudige) Pad dat de leerling gaat, en naar de gevaren van die verhouding.
Ik schreef: "Als ik op 8 mei het woord zal mogen voeren ... zal ik het vanuit algemeen boeddhistisch kader doen. Ik ga er daarbij van uit dat Zen zichzelf als 'boeddhisme' beschouwt, anders houdt het op.
En ik zal het niet alleen over de noodzaak van de leraar (voor de beginneling) hebben maar ook over de schaduwkanten.
M'n centrale vraag zal zijn: hoe DIEP moe de relatie leraar-leerling, en de relatie leerling-leraar (want er is geen symmetrie) eigenlijk zijn? Misschien is niet zo diep en niet zo lang wel zo effectief."
Vragen heb ik ook aan de andere inleiders. Omdat ik de laatste ben, stel ik ze hier al.
Vragen aan Nico Tydeman:
* Je noemt je guru en kalyana mitta (spirituele vriend) en mystagoog;
maar waarom niet ook 'pandit' (vgl Wilber): iemand die informatie
over de dharma overdraagt en instructies geeft?
* Als ik leerlingen van je hoor die je nadrukkelijk bewonderen, ja zelfs verheerlijken,
dan denk ik: dat is ook niet leuk voor Nico. Want dit soort bewondering
streelt het ego en bemoeilijkt dus je bevrijding. Vraag: deel je die zorg?
Wanneer gaat het heilzame bewonderen over in het onheilzame vereren?
Een vraag over leraar en leiderschap voor Brigitte van Baren:
* Is het, naast nadenken over leiderschap, niet minstens zo interessant ons te verdiepen
in (spiritueel) volgelingschap? Bijvoorbeeld: hoe kiest een volgeling zijn of haar leider?
Of hoort 'leiderschap' juist bij de leerling en niet primair bij de leraar?
* Een vraag voor de wetenschapper, en dat is André van der Braak (naast boeddhist,
hoewel geen sociaal wetenschapper):
Er is de theorie (in bv Zen maar nog heftiger in vajrayana met hun guru-devotie) dat een
diepe intensieve relatie leraar-leerling noodzakelijk is; en er is mijn theorie die ik beetje
Theravada-achtig noem van minder diep, minder persoonlijk, uitwisselbaar.
Er zou onderzoek gedaan kunnen worden op gedragswetenschappelijke manier
welk van de twee methoden het beste werkt, bv het hoogste percentage
bodhisattva/arhats of grote verlichtingservaringen oplevert; bijvoorbeeld na
één, na twee en na drie jaar. Kan dat? Minstens als gedachtenexperiment?
En een vraag voor Lisette Thooft, hoewel ik haar inleiding niet goed kan voorspellen:
* Stel dat je in contact met je guru het gevoel krijgt: dit is niet goed, hier is iets niet pluis; wat dan?
Waarschuw je bijvoorbeeld dan ook andere leerlingen?
==================================================================
Na het symposium zal ik mijn inleiding en mogelijk ook delen van andere bijdragen en van de discussie in deze blog zetten
Nu wil ik ingaan op wat ik een soort voorwaarde noemde: "Ik ga er daarbij van uit dat Zen zichzelf als 'boeddhisme' beschouwt, anders houdt het op." Daarmee bedoelde ik: als een beoefenaar van Zen duidelijk stelt dat Zen geen boeddhisme is, dan is een discussie vanuit boeddhistische principes (en zo'n type discussie wens ik te voeren) over een Zen-aspect niet mogelijk.
Er heeft zich een mooie aanleiding aangediend, hierover verder te contempleren; en een wat typische.
Eerst die laatste: de Zen-leraar Brad Warner spreekt over 'That dirty word "Buddhism"'. Zie zijn artikel met die titel in Hardcorezen ; maar ik begrijp hem in het algemeen niet zo goed.
Wie wel? De Zen-leraar (en nog veel meer) Edel Maex heeft op zijn website een artikel geschreven onder de titel 'Geloof, identiteit, macht '; daar staan een aantal punten in waar ik het zeer mee eens ben, maar ook een aantal punten waar ik het zeer oneens ben. Over die laatste punten wil het vooral hebben.
Zie Leven in de Maalstroom door Edel Maex .
En voor divers commentaar (vooral uit Zen-kringen): BoeddhistischDagblad van 8 april e.v.
Hieronder passages uit deze tekst van Edel, met (in ander lettertype) commentaar van mij.
==================================================================
Geloof, identiteit, macht door Edel Maex
In onze zengroep kwam de vraag op: ‘zijn wij nu boeddhisten?’ Ik merkte bij de aanwezigen bijzonder weinig animo om daar met ja op te antwoorden, ook bij mezelf niet. Iemand merkte een beetje schamper op: ‘Ik wil liever geen boeddhist zijn want dan moet ik in reïncarnatie gaan geloven’.
Deze mensen hebben kennelijk nooit iets gelezen van Stephen Batchelor,
bv diens 'Boeddhsime zonder geloof'.
De vraag was: ‘Willen wij het etiket boeddhist op onszelf plakken?’ Er was een gedeeld aanvoelen dat de identiteit boeddhist ons niet lekker zat.
...
Ik wil hier drie woorden bespreken die wat mij betreft niets (meer) met religie te maken hebben: geloof, identiteit en macht.
Het tussen haakjes zetten van 'geloof' vind ik nogal afgezaagd; zie m'n
opmerking hierboven over Batchelor en het herhaaldelijk door Westerse
boeddhisten verwijzen naar de Kalama-Sutta.
Geloof wordt ook heel snel tot een identiteit. ‘Ik ben boeddhist, christen, moslim, atheïst …. ’ (vul in voor jezelf). Vragen naar iemands geloof is vragen naar iemands identiteit.
… ook voor de westerse visie op religie. Daarom spraken we over een strijd tussen protestanten en katholieken in Noord-Ierland en spreken we nu in Birma over een conflict tussen boeddhisten en moslims terwijl het in beide gevallen gaat over conflicten tussen bevolkingsgroepen.
...
Op reis in Azië is het mij altijd opgevallen dat mensen daar, wanneer het over religie gaat, veel minder in identiteiten denken. ... Je kunt dit ‘een goed mens willen zijn’ als je wil ook een identiteit noemen. Maar het is dan wel een identiteit die mensen over alle verschillen en grenzen heen verbindt terwijl geloof als identiteit al onnoemelijk veel onheil veroorzaakt heeft. Waarom zouden we ons dan boeddhist moeten noemen? Waarom een kloof veroorzaken die haaks staat op onze praktijk?
Hier vliegt Edel Maex uit de bocht. Hij verwijst naar het streven naar
'verdiensten verwerven' van veel Aziatische boeddhisten, en dat is niet
alleen altruïstisch bedoeld door deze mensen (ze willen bv een betere wedergeboorte).
Maar belangrijker is nog de onduidelijkheid die hij aan het begrip 'identiteit ' hecht.
Kan een mens zonder identiteit? Nee, zegt Edel in feite, allerlei identiteiten zijn goed,
maar die van 'boeddhist' niet, want dat is een religieuze identiteit en die veroorzaakt
(burger)oorlog. Merkwaardig, is 'Zen-beoefenaar' dan zelf ook niet een identiteit?
Religie is nauw verweven met macht. Logisch als je van alles moet geloven en aan een identiteit moet beantwoorden. Die macht wordt waargenomen door instituten, priesters en leraren die zich beroepen op een hogere autoriteit. ‘De Boeddha, Christus, de Bijbel, Darwin zegt …’ (vul alweer in voor jezelf). Maar stel je voor dat iemand Einstein zou verguizen omdat hij Newton tegenspreekt. Een verworvenheid van de wetenschap is dat iedereen kan tegengesproken worden. Het is hoog tijd dat ook religie zich emancipeert.
Darwin hoort niet in zijn rijtje: we spreken van (toetsbare) evolutietheorie, niet van evolutieleer
Maar wat bedoelt Edel toch met 'Het is hoog tijd dat ook religie zich emancipeert ' ?
Alleen (groepen) mensen kunnen zich emanciperen, abstracties als 'religie' niet.
Bedoelt hij dan dat boeddhisten zich moeten emanciperen?
In zen wordt deze macht overgedragen van leraar op leraar. Bogend op een naadloze transmissie van hart tot hart die teruggaat tot de Boeddha noemt een zenleraar zich ‘iemand die leven-in-grondeloosheid belichaamt en van daaruit de blinde vlekken bij de leerling weet aan te wijzen’. De leraar erft de autoriteit van de Boeddha. (Een autoriteit die de oorspronkelijke Boeddha zichzelf niet eens toeschreef en dat expliciet ook niet wilde van zijn monniken.)
Niet verwonderlijk dat er in zen ongelofelijk krampachtig gedaan wordt over transmissie. Het is het meest begeerde bereiken. Al eeuwenlang leidt dit tot afgunst, lastercampagnes, bedrog, discussies over authenticiteit.
Kijk, hier kan ik het van harte mee eens zijn,
dat ga ik 8 mei ook de Nederlandse Zennies voorleggen.
Zijn er dan geen leraren? En kunnen die leraren niet tot een bepaald traditie behoren? Natuurlijk wel, maar niets daarvan hoeft op macht gestoeld te zijn.
Dit vind ik ongelofelijk naïef. Er spelen altijd in meerdere of mindere mate
machtsprocessen in sangha's. Behalve in een sangha met louter arhats of
volledige bodhisattva's, maar daar zijn er niet zo veel van in Nederland.
Kan de religie zich in de 21ste eeuw eindelijk emanciperen en de moderniteit binnentreden?
Als geloof, identiteit en macht in wezen niets met religie te maken hebben hoe zijn ze er dan zo mee verstrengeld geraakt? Religie speelt zich altijd af binnen een gemeenschap, binnen een cultuur. Geloof, identiteit en macht zijn geen kenmerken van religie maar van de gemeenschap waarbinnen ze beoefend werd. Ze maken als het ware deel uit van de interface tussen de cultuur en religie. Maar het is een interface die niet langer werkt.
Geloof, identiteit en macht hebben, waar en wanneer dan ook, met religie te
maken, of we dat leuk vinden of niet. Een religie construeren waarin dit niet
het geval is, is onmogelijk.
Stel dat Edel gelijk heeft en dat de interface tussen cultuur (hij bedoelt iets als de
sociaal-economische werkelijkheid, het dagelijks leven) en religie niet langer
werkt; moet er dan niet een nieuwe interface komen?
Het lijkt me van wel, maar hoe dan? 'Andere woorden en vormen ', zegt Edel.
Maar nogmaals: hoe bouw je met woorden en vormen een interface?
We hebben het een voor een onderuit gehaald, het moeten, de identiteit van boeddhist, de notie van geloven. Blijft er dan nog iets over? Wat overblijft is een open geest en een open hart en een onafdwingbaar en onweerlegbaar vertrouwen.
't Is mij te lief. Eén vraag slechts: vertrouwen waar in?
Toch niet in de goedheid van de mens, mag ik hopen?
Mag ik een suggestie doen waarin mogelijk wel: vertrouwen in de
correctheid van de drie karakteristieken (anicca, dukkha, anatta)
en de vier edele waarheden?
==================================================================
Aan 'de leraar' heb ik al veel blogteksten gewijd, een aantal er van zal ik 8 mei hergebruiken, bijvoorbeeld mijn voorstel tot een verplichte 'Verklaring Omtrent het Gedrag' voor leraren.
http://joopromeijn.blogspot.nl/2013/05/je-leraar-teleurstellen.html
http://joopromeijn.blogspot.nl/2013/05/heilzame-en-onheilzame-structuren-van.html
http://joopromeijn.blogspot.nl/2013/08/wat-doen-we-met-de-leraar.html
http://joopromeijn.blogspot.nl/2013/09/boeddhistisch-leiderschap-en.html
http://joopromeijn.blogspot.nl/2013/11/een-verklaring-omtrent-het-gedrag-voor.html
http://joopromeijn.blogspot.nl/2013/12/een-aantal-reacties-in-het.html daarvan paragraaf A
==================================================================
Als uitsmijter een citaat uit een (vertaald, uit Tricycle afkomstig) interview met Mu Soeng:
"Maar in de VS lijkt het wel of iedereen zo snel mogelijk leraar wil worden. Vervolgens begint de strijd om de student - centra, boeken, mediabereik – en dit gaat ten koste van de zuiverheid van de motivatie. Vroeger werd je monnik en bleef je vijftig jaar monnik zonder te talen naar leraarschap. Van de 10.000 monniken werd er misschien één leraar. Tegenwoordig wordt één op de tien studenten leraar. "
Bron: Seizoensblad SVB . 'Niet talen ': dat spreekt me wel aan.
woensdag 19 maart 2014
Tweehonderd boeddhistische blogs, hoe is het mogelijk ? Wat overzichten en wat toekomst
M'n follow-up over de gevraagde docenten boeddhistisch geestelijk verzorgers, eerder deze week, was m'n tweehonderdste blog.
Voor de eerste honderd, zie http://joopromeijn.blogspot.nl/2012/11/een-overzicht-van-honderd-blogs.html van 6 november 2012.
Voor de volgende vijftig, zie http://joopromeijn.blogspot.nl/2013/06/al-weer-vijftig-blog-teksten-en-enkele.html van 1 juni 2013.
(Het precieze aantal is iets hoger, ik heb een paar teksten van jaren geleden verwijderd omdat die een onwaarschijnlijk groot aantal raadplegingen of (Engelstalige) reacties kenden, wat mijn wantrouwen opriep.)
Net als toen weer een overzicht van de meest recente vijftig blogteksten .
De teksten kunnen gelezen worden door in het 'blogarchief' (rechterkolom) jaar en maand aan te klikken.
Van de tien meest geraadpleegde teksten geef ik het aantal weer.
De meeste daarvan zijn al weer wat langer geleden gepubliceerd. Neemt de belangstelling af?
Kan zijn maar aan de andere kant valt me op dat sommige 'pageviews' teksten van maanden of zelfs jaren geleden betreffen, en dat is dan weer gunstig: ik ga verder dan de waan van de dag.
Heb ik nog voornemens?
Soms denk ik, klaar te zijn, en dan weer niet.
Nu heb ik wel een paar ideeën:
* Een artikel bestemd voor de website van 'NieuwWij' wil ik ook op m'n eigen blog plaatsen;
gaat over mijn 'dual belonging' en over verbinden versus langs elkaar heen leven;
* Het goede oude thema van de BUN versus de ongeorganiseerde/ongebonden boeddhist
is weer – onverwacht voor mij – opgedoken;
* Er zijn een paar belangwekkende Engelstalige artikelen, die ik vertaald wil opnemen
(van Payne, Garfield en Sharf; en delen uit een boek van Walser); maar steeds weer
blijkt: vertalen is moeilijker dan ik denk;
* Het WK voetbal in juni roept misschien wel iets op;
* Ooit, een keer, zal het me toch wel lukken m'n herhaaldelijk aangekondigde tekst
over mijn devotie – en m'n weerstand ertegen – helder op papier te krijgen;
* Misschien moet ik eens een evaluatie van twee jaar BoeddhistischDagblad schrijven
* En weer terug naar de Dharma. Een gedachte: is 'perfectioneren' wel zo nodig;
verdient het niet de voorkeur wat aanmodderend (muddling through) te leven en
het boeddhisme te beoefenen?
* Een beschouwing over de Zijde-route, n.a.v. een bezoek aan de Hermitage gaat er ook
nog komen.
Zijn er dan geen andere bloggers om het stokje over te nemen ?
Dan heb ik het dus over 'bloggen', opiniërend en nieuwsgierig zonder strikt journalistiek te zijn; persoonlijk, niet een groepsbelang dienend; zonder deadlines maar niet vrijblijvend; zonder de behoefte aardig gevonden te worden.
In juni wordt ik 75 jaar (ja, dank u), moet ik dan maar door gaan om boeddhistisch Nederland wakker te houden?
Dat is natuurlijk wat arrogant gedacht, zo groot is mijn invloed ook weer niet en ik ben de enige niet. Maar veel is het niet:
'BoeddhistischDagblad' en *OpenBoeddhisme* noemen zichzelf geen blog maar journalistiek blad, maar zo fundamenteel is het verschil ook weer niet.
Wat de site Boeddhamagazine.nl eigenlijk is, weet ik nog steeds niet; geen blog (meer), eerder een ondersteuning van het papieren (kwartaal)blad.
Jampa's Mandala houdt jaar in jaar uit een goede niveau maar is strikt Tibetaans boeddhistisch.
De website van Bodhitv zou zich moeten gaan ontwikkelen nu de financiering van de BOS eind 2015 gaat stoppen, maar veel van een verandering merk ik nog niet.
Op de blogs van Jules Prast ben ik een beetje uitgekeken: hij zet z'n thema's wel zwaar aan maar wordt onzichtbaar als men hem ook stevig van repliek dient. En is teveel met zichzelf bezig.
Katinka Hesselink had het afgelopen jaar andere zaken aan haar hoofd; maar ze is aan het terugkomen!
Alluman, Jildi en Ron Sinnige lijken definitief gestopt.
De site van boeddhisme.startpagina met 'prikbord' heeft een nieuwe beheerder maar weinig eigen informatie.
Update: Een veelbelovende nieuwkomer op de blog-markt is Rob Hogendoorn .
Ben ik verder nog iemand vergeten?
Uit 2014 :
▼ maart (4)
Docenten gezocht etc: followup en breder perspect...
Docenten boeddhistische geestelijke verzorging gez...
Een onzindelijke en onzinnige actie van de BOS: ve...
Engelstalige boeken over boeddhisme, een selectie ...
▼ februari (4)
Nieuwe Nederlandse boeken over boeddhisme
Waarom ik niet naar de Dalai Lama ga; denk ik
Kunnen boeddhisten eigenlijk met elkaar praten? Ov...
Een boeddhist droomt zich af. Prinses Beatrix krij...
▼ januari (5)
Meer boeddhistische filosofie in dialoog met ande...
Theologen en media, een VU-discussie over religie...
Recensie van de eerste nieuwe BOS-Radio uitzending...
Nog één keer het BoeddhistischDagblad, een paar re...
Boeddhisme langs de Zijderoute, een expeditie vana...
Uit 2013
▼ december (5)
BOS, VU en andere nieuwsfeiten en updates
Een aantal reacties in het BoeddhistischDagblad
Boeddhistische globale verlichting – een wat hulpe...
Boeddhisme en wetenschap; mogelijke toepassing: Dh...
Weer een stapje gezet richting VU-opleiding tot b...
▼ november (6)
Boeddhistische boeken op een onbewoond eiland
Geassocieeerd adviseur bij de BOS worden? Ik?
Een eigen klooster (ook een voor nonnen) en een e... 123
Wijziging Mediawet door Eerste Kamer aangenomen, e...
Een Verklaring Omtrent het Gedrag voor leraren ?
Is boeddhistische humor leuk ?
▼ oktober (5)
Veracademisering en verwildering; in wat voor een ...
Gaat op 5 november het aangekondigde einde van de ...
Een avond over Ayya Khema, 31 oktober in Rotterda...
Kunnen wij (boeddhisten) de maatschappij transfor...
Naar een vipassana- en samatha-meditatiecentrum Of...
▼ september (4)
Boeddhistisch leiderschap en volgelingschap Waaro...
Boeddhisme voor autisten
Acht onbeantwoorde vragen (door en over een boeddh...
Dood gaan voor beginners; vervolg
▼ augustus (7)
Kan het boeddhisme ook van Mars komen? En de vere...
Even ietsje minder metta? Correspondentie met het … 132
BUN gaat zich ook realiseren dat de BOS wel eens k...
Teksten en discussiethema's over samatha-meditatie... 145
VU-kul : (geen) Update over Beroepsboeddhisten
Wat doen we met de leraar ?
Boeddhistische onzichtbaarheid of exhibitionisme ?...
▼ juli (7)
VU-kul: voorbeelden, onmogelijkheid en onduidelijk... 189
Wortels van het Zuivere Land Boeddhisme (deel 2)... 232
Van goed los – Wat (boeddhistisch) los goed
Waar is het Zuivere Land Boeddhisme begonnen ? J...
Boeddhisme en conflict in Zuid-Azië, Bhikkhu Sujat...
Een boeddhistische publieke omroep en boeddhisme ... 127
Een toekomst – of twee – van het (on)georganiseerd... 145
▼ juni (6)
Boeddhisme en seks: het meer totale plaatje (door … 137
De onontkoombare VisuddhiMagga (voor welke Therava... 213
Het Geluid van Stilte door Ajahn Sumedho
Follow-up van 'Een staatssecretaris als bescherme...
Een staatssecretaris als beschermer van sommige bo... 301
Al weer vijftig blog-teksten; en enkele voornemen...
Voor de eerste honderd, zie http://joopromeijn.blogspot.nl/2012/11/een-overzicht-van-honderd-blogs.html van 6 november 2012.
Voor de volgende vijftig, zie http://joopromeijn.blogspot.nl/2013/06/al-weer-vijftig-blog-teksten-en-enkele.html van 1 juni 2013.
(Het precieze aantal is iets hoger, ik heb een paar teksten van jaren geleden verwijderd omdat die een onwaarschijnlijk groot aantal raadplegingen of (Engelstalige) reacties kenden, wat mijn wantrouwen opriep.)
Net als toen weer een overzicht van de meest recente vijftig blogteksten .
De teksten kunnen gelezen worden door in het 'blogarchief' (rechterkolom) jaar en maand aan te klikken.
Van de tien meest geraadpleegde teksten geef ik het aantal weer.
De meeste daarvan zijn al weer wat langer geleden gepubliceerd. Neemt de belangstelling af?
Kan zijn maar aan de andere kant valt me op dat sommige 'pageviews' teksten van maanden of zelfs jaren geleden betreffen, en dat is dan weer gunstig: ik ga verder dan de waan van de dag.
Heb ik nog voornemens?
Soms denk ik, klaar te zijn, en dan weer niet.
Nu heb ik wel een paar ideeën:
* Een artikel bestemd voor de website van 'NieuwWij' wil ik ook op m'n eigen blog plaatsen;
gaat over mijn 'dual belonging' en over verbinden versus langs elkaar heen leven;
* Het goede oude thema van de BUN versus de ongeorganiseerde/ongebonden boeddhist
is weer – onverwacht voor mij – opgedoken;
* Er zijn een paar belangwekkende Engelstalige artikelen, die ik vertaald wil opnemen
(van Payne, Garfield en Sharf; en delen uit een boek van Walser); maar steeds weer
blijkt: vertalen is moeilijker dan ik denk;
* Het WK voetbal in juni roept misschien wel iets op;
* Ooit, een keer, zal het me toch wel lukken m'n herhaaldelijk aangekondigde tekst
over mijn devotie – en m'n weerstand ertegen – helder op papier te krijgen;
* Misschien moet ik eens een evaluatie van twee jaar BoeddhistischDagblad schrijven
* En weer terug naar de Dharma. Een gedachte: is 'perfectioneren' wel zo nodig;
verdient het niet de voorkeur wat aanmodderend (muddling through) te leven en
het boeddhisme te beoefenen?
* Een beschouwing over de Zijde-route, n.a.v. een bezoek aan de Hermitage gaat er ook
nog komen.
Zijn er dan geen andere bloggers om het stokje over te nemen ?
Dan heb ik het dus over 'bloggen', opiniërend en nieuwsgierig zonder strikt journalistiek te zijn; persoonlijk, niet een groepsbelang dienend; zonder deadlines maar niet vrijblijvend; zonder de behoefte aardig gevonden te worden.
In juni wordt ik 75 jaar (ja, dank u), moet ik dan maar door gaan om boeddhistisch Nederland wakker te houden?
Dat is natuurlijk wat arrogant gedacht, zo groot is mijn invloed ook weer niet en ik ben de enige niet. Maar veel is het niet:
'BoeddhistischDagblad' en *OpenBoeddhisme* noemen zichzelf geen blog maar journalistiek blad, maar zo fundamenteel is het verschil ook weer niet.
Wat de site Boeddhamagazine.nl eigenlijk is, weet ik nog steeds niet; geen blog (meer), eerder een ondersteuning van het papieren (kwartaal)blad.
Jampa's Mandala houdt jaar in jaar uit een goede niveau maar is strikt Tibetaans boeddhistisch.
De website van Bodhitv zou zich moeten gaan ontwikkelen nu de financiering van de BOS eind 2015 gaat stoppen, maar veel van een verandering merk ik nog niet.
Op de blogs van Jules Prast ben ik een beetje uitgekeken: hij zet z'n thema's wel zwaar aan maar wordt onzichtbaar als men hem ook stevig van repliek dient. En is teveel met zichzelf bezig.
Katinka Hesselink had het afgelopen jaar andere zaken aan haar hoofd; maar ze is aan het terugkomen!
Alluman, Jildi en Ron Sinnige lijken definitief gestopt.
De site van boeddhisme.startpagina met 'prikbord' heeft een nieuwe beheerder maar weinig eigen informatie.
Update: Een veelbelovende nieuwkomer op de blog-markt is Rob Hogendoorn .
Ben ik verder nog iemand vergeten?
Uit 2014 :
▼ maart (4)
Docenten gezocht etc: followup en breder perspect...
Docenten boeddhistische geestelijke verzorging gez...
Een onzindelijke en onzinnige actie van de BOS: ve...
Engelstalige boeken over boeddhisme, een selectie ...
▼ februari (4)
Nieuwe Nederlandse boeken over boeddhisme
Waarom ik niet naar de Dalai Lama ga; denk ik
Kunnen boeddhisten eigenlijk met elkaar praten? Ov...
Een boeddhist droomt zich af. Prinses Beatrix krij...
▼ januari (5)
Meer boeddhistische filosofie in dialoog met ande...
Theologen en media, een VU-discussie over religie...
Recensie van de eerste nieuwe BOS-Radio uitzending...
Nog één keer het BoeddhistischDagblad, een paar re...
Boeddhisme langs de Zijderoute, een expeditie vana...
Uit 2013
▼ december (5)
BOS, VU en andere nieuwsfeiten en updates
Een aantal reacties in het BoeddhistischDagblad
Boeddhistische globale verlichting – een wat hulpe...
Boeddhisme en wetenschap; mogelijke toepassing: Dh...
Weer een stapje gezet richting VU-opleiding tot b...
▼ november (6)
Boeddhistische boeken op een onbewoond eiland
Geassocieeerd adviseur bij de BOS worden? Ik?
Een eigen klooster (ook een voor nonnen) en een e... 123
Wijziging Mediawet door Eerste Kamer aangenomen, e...
Een Verklaring Omtrent het Gedrag voor leraren ?
Is boeddhistische humor leuk ?
▼ oktober (5)
Veracademisering en verwildering; in wat voor een ...
Gaat op 5 november het aangekondigde einde van de ...
Een avond over Ayya Khema, 31 oktober in Rotterda...
Kunnen wij (boeddhisten) de maatschappij transfor...
Naar een vipassana- en samatha-meditatiecentrum Of...
▼ september (4)
Boeddhistisch leiderschap en volgelingschap Waaro...
Boeddhisme voor autisten
Acht onbeantwoorde vragen (door en over een boeddh...
Dood gaan voor beginners; vervolg
▼ augustus (7)
Kan het boeddhisme ook van Mars komen? En de vere...
Even ietsje minder metta? Correspondentie met het … 132
BUN gaat zich ook realiseren dat de BOS wel eens k...
Teksten en discussiethema's over samatha-meditatie... 145
VU-kul : (geen) Update over Beroepsboeddhisten
Wat doen we met de leraar ?
Boeddhistische onzichtbaarheid of exhibitionisme ?...
▼ juli (7)
VU-kul: voorbeelden, onmogelijkheid en onduidelijk... 189
Wortels van het Zuivere Land Boeddhisme (deel 2)... 232
Van goed los – Wat (boeddhistisch) los goed
Waar is het Zuivere Land Boeddhisme begonnen ? J...
Boeddhisme en conflict in Zuid-Azië, Bhikkhu Sujat...
Een boeddhistische publieke omroep en boeddhisme ... 127
Een toekomst – of twee – van het (on)georganiseerd... 145
▼ juni (6)
Boeddhisme en seks: het meer totale plaatje (door … 137
De onontkoombare VisuddhiMagga (voor welke Therava... 213
Het Geluid van Stilte door Ajahn Sumedho
Follow-up van 'Een staatssecretaris als bescherme...
Een staatssecretaris als beschermer van sommige bo... 301
Al weer vijftig blog-teksten; en enkele voornemen...
zondag 16 maart 2014
Docenten gezocht etc: followup en breder perspectief
Kort na de verspreiding van m'n blogtekst van afgelopen zaterdag kreeg ik een mail van een vriend die zich verbaasde over de relatief positieve strekking van de inhoud ervan.
Was ik vergeten hoe weinig transparant de benoeming van Varamitra tot hoofd BGV bij Justitie was geweest, hoe weinig transparant de benoeming van André van der Braak tot VU-hoogleraar was geweest, hoe weinig transparant de erkenningsbeslissing van de BUN door het ministerie van Justitie was geweest en hoe weinig transparant de totstandkoming de opleiding tot 'buddhist chaplain' aka BGVer bij de VU is geweest ?
Nee hoor, dat weet ik nog best en mijn (morele) oordeel erover is niet veranderd; maar ik zie deze zaken graag in een wat breder perspectief.
Twee perspectieven eigenlijk:
– Dat van de mens (en zeker ook de boeddhist) die geneigd is tot het kwaad, zelfs als zou hij/zij een boeddhanatuur hebben (een geloofsartikel dat tot nadeel heeft dat de morele remming op die neiging tot het slechte ontbreekt) ; waarbij in het Nederlandse boeddhisme naast de baantjesjagerij nog eens komt een wat ik noemen wil institutionele onhandigheid en onvermogen tot elkaar bekritiseren.
– Dat van de geestelijke verzorging in het algemeen
Geestelijke verzorging werd vroeger in het gewone leven in dorp en stad beoefend door dominees (en katholieke geestelijken maar daarvan weet ik minder)
Deze pastorale functie , vooral bij grote overgangen in het leven zoals geboorte, dood en huwelijk door een specialist daarin werd betaald door de gelovigen zelf. Begrijpelijk dat een jaar of vijftig geleden (ik maak ruwe schatting) bij de opkomst van de verzorgingsstaat werd geredeneerd dat deze pastorale functie ook ten goede moest komen aan degenen die (onvrijwillig) verbleven in totale instituties zoals leger, gevangenis en ziekenhuis. Een functie die al snel niet alleen door christenen werd uitgeoefend maak ook door humanistische geestelijk raadslieden.
Toen vervolgens een jaar of tien geleden de individualisering en secularisering de 'gewone' pastorale functie in stad en vervolgens dorp steeds marginaler maakte, kwamen de boeddhisten nog eens een keer kijken en riepen 'wij ook'; wij zijn ook een religie en willen ook een zuil.
En Justitie, uit één of andere systeemdwang, versterkte die oproep. Zo is het gekomen: niet de vraag maar het institutionele aanbod bepaalde.
Alleen nu staat ook de geestelijke verzorging in de gezondheidszorg (verreweg de grootste werkgever van geestelijk verzorgers) onder druk. Het aantal 'ligdagen' in ziekenhuizen neemt alsmaar af en ook in verpleeghuizen en psychiatrische inrichtingen verblijven minder mensen: ze moeten het thuis maar zien te rooien, een groot deel van de (financiering van de) zorg wordt verplaatst van AWBZ naar gemeenten.
Zover ik weet kent de WMO niet de functie 'geestelijke verzorging', en daar ligt toch (helaas) de toekomst.
Kortom: zelfs al lijkt de klungeligheid van de VU-opleiding tot BGV-er wel wat minder aan het worden, het blijft een opleiding richting werkloosheid; speciaal voor boeddhisten, omdat ook nog eens het aantal boeddhisten (of mensen met affiniteit tot) in Nederland en de groei ervan schromelijk is overschat. Waarom? Zie het begin van deze tekst.
Dit alles dus ondanks dat ik de functie 'geestelijke verzorging' op zich een goed hart toedraag, want de mens kan af en toe bij grote overgangen (zoals, ik noem maar wat, de dood) best wat klankbord gebruiken. Een geschoold klankbord.
Ook door mensen zonder 'zendende instantie', want m'n kritiek op het verschijnsel BZI is er ook nog, beste mailschrijver.
Twee opmerkingen nog daarbij:
– Het fenomeen 'geestelijke verzorging' is geen specifiek Nederlands verschijnsel; in bijvoorbeeld de Verenigde Staten bloeit het ook (al is de verzuilingsdraai erin wel een beetje Nederlands). En ook de boeddhistisch geestelijke verzorging. Vergelijk de inspirerende Amerikaanse boeken hierover die ik eerder in blogs heb besproken. En vergelijk de ook in Nederland bekende en gewaardeerde Joan Halifax.
– Ik waardeer André van der Braak als filosoof en hoop dat hij zich verder als boeddholoog ontwikkelt. Maar als hoofd van een beroepsopleiding (van BGVers) is hij m.i. minder geschikt, dat moet hij doen van de VU, denk ik. Maar goed, die opleiding is over een jaar of vijf wel voorbij.
Was ik vergeten hoe weinig transparant de benoeming van Varamitra tot hoofd BGV bij Justitie was geweest, hoe weinig transparant de benoeming van André van der Braak tot VU-hoogleraar was geweest, hoe weinig transparant de erkenningsbeslissing van de BUN door het ministerie van Justitie was geweest en hoe weinig transparant de totstandkoming de opleiding tot 'buddhist chaplain' aka BGVer bij de VU is geweest ?
Nee hoor, dat weet ik nog best en mijn (morele) oordeel erover is niet veranderd; maar ik zie deze zaken graag in een wat breder perspectief.
Twee perspectieven eigenlijk:
– Dat van de mens (en zeker ook de boeddhist) die geneigd is tot het kwaad, zelfs als zou hij/zij een boeddhanatuur hebben (een geloofsartikel dat tot nadeel heeft dat de morele remming op die neiging tot het slechte ontbreekt) ; waarbij in het Nederlandse boeddhisme naast de baantjesjagerij nog eens komt een wat ik noemen wil institutionele onhandigheid en onvermogen tot elkaar bekritiseren.
– Dat van de geestelijke verzorging in het algemeen
Geestelijke verzorging werd vroeger in het gewone leven in dorp en stad beoefend door dominees (en katholieke geestelijken maar daarvan weet ik minder)
Deze pastorale functie , vooral bij grote overgangen in het leven zoals geboorte, dood en huwelijk door een specialist daarin werd betaald door de gelovigen zelf. Begrijpelijk dat een jaar of vijftig geleden (ik maak ruwe schatting) bij de opkomst van de verzorgingsstaat werd geredeneerd dat deze pastorale functie ook ten goede moest komen aan degenen die (onvrijwillig) verbleven in totale instituties zoals leger, gevangenis en ziekenhuis. Een functie die al snel niet alleen door christenen werd uitgeoefend maak ook door humanistische geestelijk raadslieden.
Toen vervolgens een jaar of tien geleden de individualisering en secularisering de 'gewone' pastorale functie in stad en vervolgens dorp steeds marginaler maakte, kwamen de boeddhisten nog eens een keer kijken en riepen 'wij ook'; wij zijn ook een religie en willen ook een zuil.
En Justitie, uit één of andere systeemdwang, versterkte die oproep. Zo is het gekomen: niet de vraag maar het institutionele aanbod bepaalde.
Alleen nu staat ook de geestelijke verzorging in de gezondheidszorg (verreweg de grootste werkgever van geestelijk verzorgers) onder druk. Het aantal 'ligdagen' in ziekenhuizen neemt alsmaar af en ook in verpleeghuizen en psychiatrische inrichtingen verblijven minder mensen: ze moeten het thuis maar zien te rooien, een groot deel van de (financiering van de) zorg wordt verplaatst van AWBZ naar gemeenten.
Zover ik weet kent de WMO niet de functie 'geestelijke verzorging', en daar ligt toch (helaas) de toekomst.
Kortom: zelfs al lijkt de klungeligheid van de VU-opleiding tot BGV-er wel wat minder aan het worden, het blijft een opleiding richting werkloosheid; speciaal voor boeddhisten, omdat ook nog eens het aantal boeddhisten (of mensen met affiniteit tot) in Nederland en de groei ervan schromelijk is overschat. Waarom? Zie het begin van deze tekst.
Dit alles dus ondanks dat ik de functie 'geestelijke verzorging' op zich een goed hart toedraag, want de mens kan af en toe bij grote overgangen (zoals, ik noem maar wat, de dood) best wat klankbord gebruiken. Een geschoold klankbord.
Ook door mensen zonder 'zendende instantie', want m'n kritiek op het verschijnsel BZI is er ook nog, beste mailschrijver.
Twee opmerkingen nog daarbij:
– Het fenomeen 'geestelijke verzorging' is geen specifiek Nederlands verschijnsel; in bijvoorbeeld de Verenigde Staten bloeit het ook (al is de verzuilingsdraai erin wel een beetje Nederlands). En ook de boeddhistisch geestelijke verzorging. Vergelijk de inspirerende Amerikaanse boeken hierover die ik eerder in blogs heb besproken. En vergelijk de ook in Nederland bekende en gewaardeerde Joan Halifax.
– Ik waardeer André van der Braak als filosoof en hoop dat hij zich verder als boeddholoog ontwikkelt. Maar als hoofd van een beroepsopleiding (van BGVers) is hij m.i. minder geschikt, dat moet hij doen van de VU, denk ik. Maar goed, die opleiding is over een jaar of vijf wel voorbij.
maandag 3 maart 2014
Een onzindelijke en onzinnige actie van de BOS: verrijk je karma
De voormalige directeur van de BOS had er al maanden geleden (tijdens de IDFA) op gepreludeerd: de BOS is een donateursactie gestart met als motto
' Verrijk je Karma, steun de Boeddhistische Omroep '. Zie bijvoorbeeld de aankondiging
www.verrijkjekarma.nl/ via www.bosrtv.nl/news.aspx?lIntEntityId=460 .
De campagne zoals ze het zelf noemen, deugt om een aantal redenen niet:
* 'Verrijk je karma ' (goddank schrijven ze niet 'kamma ', dat zou het nog erger maken) deugt niet want staat op gespannen voet met de Dhamma en Dharma. Karma is niet iets dat je verrijkt, dat doe je met margarine en doen sommige mensen financieel. 'Karma' is het geheel van je intenties. Zie ook de bijlage hieronder.
* Steun is nodig omdat de kleine levensbeschouwelijke omroepen gaan verdwijnen, delen ze - correct - mee. En dan zouden ze met het resultaat van deze actie 'programma's met een boeddhistisch hart' kunnen blijven maken (na eind 2015). Maar volstrekt onduidelijk is of de BOS dat gewoon mag blijhven doen vanaf 2016, als ex-publieke-omroep? Via welk medium gaan ze dat dan doen? Blijft de huidige BOS met huidige statuten en huidige delegatieovereenkomst met de BUN dan bestaan? Zoewel televisie als radio als website (o.a. Bodhitv)?
De potentiele donateurs worden er niet van op de hoogte gesteld. Net zo als al jaren onduidelijk is wat er met het kapitaal van de 'Stichting Vrienden van de BOS' gebeurt.
* Tenslotte bevallen de lelijke kleuren en de grote letters me niet: het lijkt wel reclame voor een of ander ordinair merk.
De campagne start a.s. woensdag rond de door de BOS uit zenden documentaire Happiness, en dat vind ik ook niets: alsof boeddhisme en happiness iets met elkaar te maken hebben.
Ondanks de zelfrelativerende opmerkingen als 'met een knipoog' en 'lichtvoetig' is het een mijns inziens onzindelijke en onzinnige actie van de BOS.
Boeddhisten kunnen hun geld beter aan iets anders besteden.
Laat de BOS eerst maar eens een helder plan voor de jaren na 2015 gaan maken en met haar achterban bespreken, in plaats van deze door marketeers aangedreven campagne uit te voeren.
=======================================================================
Bijlage, uit de website van de moeder van de BOS (de BUN dus)
"Karma
De keten van oorzaak en gevolg, van 'ontstaan in afhankelijkheid' hangt nauw samen met het begrip karma. Schakel 2 van de keten beschrijft, dat er iets in onze geest opduikt. Waar komt dat vandaan? Zijn dat willekeurige en toevallige oprispingen? Volgens talrijke boeddhistische tradities is daar geen sprake van. Alles wat wij ooit in dit of een vorig leven gedaan hebben heeft zich in ons basisbewustzijn genesteld. Wij dragen ons verleden met ons mee. Dat zijn de karmische zaden. En vroeg of laat komen die weer boven.
De vraag is dan hoe we daarmee omgaan. Daar lopen de wegen uiteen. Is karma ons lot? Zijn we een product van ons verleden, van vorige levens en dit leven, van natuur en opvoeding? Zijn we gedetermineerd? Is er wel een vrije wil? Als we vanuit een fatalistische visie zeggen: 'dat is mijn karma' en daar gelaten onder zijn, dan is dat niet erg boeddhistisch. Want de Boeddha is wel van mening, dat alles wat wij gedaan hebben zich in ons basisbewustzijn heeft gegrift. En dat die inprenting onze toekomst kan bepalen. Wat dat betreft gaat de wet van oorzaak en gevolg geheel op. Maar de Boeddha zegt ook, dat we de keten kunnen doorbreken."
Bron: www.boeddhisme.nl/boeddhisme.html
' Verrijk je Karma, steun de Boeddhistische Omroep '. Zie bijvoorbeeld de aankondiging
www.verrijkjekarma.nl/ via www.bosrtv.nl/news.aspx?lIntEntityId=460 .
De campagne zoals ze het zelf noemen, deugt om een aantal redenen niet:
* 'Verrijk je karma ' (goddank schrijven ze niet 'kamma ', dat zou het nog erger maken) deugt niet want staat op gespannen voet met de Dhamma en Dharma. Karma is niet iets dat je verrijkt, dat doe je met margarine en doen sommige mensen financieel. 'Karma' is het geheel van je intenties. Zie ook de bijlage hieronder.
* Steun is nodig omdat de kleine levensbeschouwelijke omroepen gaan verdwijnen, delen ze - correct - mee. En dan zouden ze met het resultaat van deze actie 'programma's met een boeddhistisch hart' kunnen blijven maken (na eind 2015). Maar volstrekt onduidelijk is of de BOS dat gewoon mag blijhven doen vanaf 2016, als ex-publieke-omroep? Via welk medium gaan ze dat dan doen? Blijft de huidige BOS met huidige statuten en huidige delegatieovereenkomst met de BUN dan bestaan? Zoewel televisie als radio als website (o.a. Bodhitv)?
De potentiele donateurs worden er niet van op de hoogte gesteld. Net zo als al jaren onduidelijk is wat er met het kapitaal van de 'Stichting Vrienden van de BOS' gebeurt.
* Tenslotte bevallen de lelijke kleuren en de grote letters me niet: het lijkt wel reclame voor een of ander ordinair merk.
De campagne start a.s. woensdag rond de door de BOS uit zenden documentaire Happiness, en dat vind ik ook niets: alsof boeddhisme en happiness iets met elkaar te maken hebben.
Ondanks de zelfrelativerende opmerkingen als 'met een knipoog' en 'lichtvoetig' is het een mijns inziens onzindelijke en onzinnige actie van de BOS.
Boeddhisten kunnen hun geld beter aan iets anders besteden.
Laat de BOS eerst maar eens een helder plan voor de jaren na 2015 gaan maken en met haar achterban bespreken, in plaats van deze door marketeers aangedreven campagne uit te voeren.
=======================================================================
Bijlage, uit de website van de moeder van de BOS (de BUN dus)
"Karma
De keten van oorzaak en gevolg, van 'ontstaan in afhankelijkheid' hangt nauw samen met het begrip karma. Schakel 2 van de keten beschrijft, dat er iets in onze geest opduikt. Waar komt dat vandaan? Zijn dat willekeurige en toevallige oprispingen? Volgens talrijke boeddhistische tradities is daar geen sprake van. Alles wat wij ooit in dit of een vorig leven gedaan hebben heeft zich in ons basisbewustzijn genesteld. Wij dragen ons verleden met ons mee. Dat zijn de karmische zaden. En vroeg of laat komen die weer boven.
De vraag is dan hoe we daarmee omgaan. Daar lopen de wegen uiteen. Is karma ons lot? Zijn we een product van ons verleden, van vorige levens en dit leven, van natuur en opvoeding? Zijn we gedetermineerd? Is er wel een vrije wil? Als we vanuit een fatalistische visie zeggen: 'dat is mijn karma' en daar gelaten onder zijn, dan is dat niet erg boeddhistisch. Want de Boeddha is wel van mening, dat alles wat wij gedaan hebben zich in ons basisbewustzijn heeft gegrift. En dat die inprenting onze toekomst kan bepalen. Wat dat betreft gaat de wet van oorzaak en gevolg geheel op. Maar de Boeddha zegt ook, dat we de keten kunnen doorbreken."
Bron: www.boeddhisme.nl/boeddhisme.html
Labels:
boeddhisme in Nederland,
BOS,
BUN,
overheid,
televisieprogramma's
zondag 23 februari 2014
Nieuwe Nederlandse boeken over boeddhisme
Twee jaar geleden publiceerde ik over een klein kwantitatief onderzoekje van me naar het aantal Nederlandstalige boeken over boeddhisme en aanverwante onderwerpen, per jaar en (in beperkte mate) per thema.
Zie de pagina Boeken over boeddhisme t/m 2011
Met dezelfde vraagstelling heb ik nu gekeken naar in 2012 en 2013 verschenen nieuwe publicaties, voor zover te vinden bij Bol.com.
Complicerend bij de telling is dat - veel meer dan een paar jaar geleden - van publicaties twee versies zijn verschenen: de papieren versie en de ebook-versie; Bol.com telt die apart maar het zijn dezelfde teksten. De telling van twee jaar geleden en de huidige heb ik gecorrigeerd op het aantal van deze dubbeltellingen.
Ik vergelijk per het aantal boeken per trefwoord tussen enerzijds 2008-2011 (die aanmerkelijk hoger waren dan die van voorafgaande jaren) en anderzijds de jaren 2012 en 2013.
Met het trefwoord 'boeddhisme' zijn er 18 in 2012 verschenen boeken leverbaar; en 19 in 2013.
In de jaren 2008 t/m 2011 waren de aantallen achtereenvolgens 16, 21, 31 en 23.
Met het trefwoord 'boeddha' zijn er 9 in 2012 verschenen boeken leverbaar; en 11 in 2013.
In de jaren 2008 t/m 2011 waren de aantallen achtereenvolgens 6, 6, 11 en 11.
Met het trefwoord 'zen' zijn er 7 in 2012 verschenen boeken leverbaar; en 9 uit 2013.
( Ik heb het me dit keer makkelijk gemaakt.)
In de jaren 2008 t/m 2011 waren de aantallen achtereenvolgens 9, 5, 5 en 8.
Met het trefwoord 'meditatie' zijn er 5 in 2012 verschenen boeken leverbaar; 3 in 2013.
In de jaren 2008 t/m 2011 waren de aantallen achtereenvolgens 4, 1, 1 en 0.
(De indeling in categorieën is door Bol gewijzigd, maar net als twee jaar geleden heb ik geprobeerd alleen boeken over - min of meer - boeddhistische meditatie te selecteren.)
Samenvattend : Bij het trefwoord 'boeddhisme' lijkt er van een daling sprake, bij de andere van een lichte stijging. In totaal (en ruw berekend) is het aantal boeken gelijk gebleven.
Verrassend, vind ik: ik had gezien het stilvallen van de Asoka-productie in dezer jaren een neergang verwacht.
Wel kwam ik nogal wat herdrukken tegen; dus het zijn niet allemaal nieuwe producties..
Opvallend is dat veel van de verkrijgbare boeken geschreven zijn door Thich Nhat Hanh en door (of namens) de Dalai Lama.
Weinig originele teksten, over vernieuwing in het Westers boeddhisme bijvoorbeeld; vooral meer van hetzelfde.
Ondanks alles zou ik zeggen: er is nog genoeg te lezen.
Er is van alles: zelfhulp, gericht op kinderen, op andere specifieke doelgroepen.
Veel voor beginners, weinig voor 'gevorderden'. Een beperkt aantal klassieke teksten en weinig of geen boeddhologie: dat moet dan maar Engelstalig.
Zie de pagina Boeken over boeddhisme t/m 2011
Met dezelfde vraagstelling heb ik nu gekeken naar in 2012 en 2013 verschenen nieuwe publicaties, voor zover te vinden bij Bol.com.
Complicerend bij de telling is dat - veel meer dan een paar jaar geleden - van publicaties twee versies zijn verschenen: de papieren versie en de ebook-versie; Bol.com telt die apart maar het zijn dezelfde teksten. De telling van twee jaar geleden en de huidige heb ik gecorrigeerd op het aantal van deze dubbeltellingen.
Ik vergelijk per het aantal boeken per trefwoord tussen enerzijds 2008-2011 (die aanmerkelijk hoger waren dan die van voorafgaande jaren) en anderzijds de jaren 2012 en 2013.
Met het trefwoord 'boeddhisme' zijn er 18 in 2012 verschenen boeken leverbaar; en 19 in 2013.
In de jaren 2008 t/m 2011 waren de aantallen achtereenvolgens 16, 21, 31 en 23.
Met het trefwoord 'boeddha' zijn er 9 in 2012 verschenen boeken leverbaar; en 11 in 2013.
In de jaren 2008 t/m 2011 waren de aantallen achtereenvolgens 6, 6, 11 en 11.
Met het trefwoord 'zen' zijn er 7 in 2012 verschenen boeken leverbaar; en 9 uit 2013.
( Ik heb het me dit keer makkelijk gemaakt.)
In de jaren 2008 t/m 2011 waren de aantallen achtereenvolgens 9, 5, 5 en 8.
Met het trefwoord 'meditatie' zijn er 5 in 2012 verschenen boeken leverbaar; 3 in 2013.
In de jaren 2008 t/m 2011 waren de aantallen achtereenvolgens 4, 1, 1 en 0.
(De indeling in categorieën is door Bol gewijzigd, maar net als twee jaar geleden heb ik geprobeerd alleen boeken over - min of meer - boeddhistische meditatie te selecteren.)
Samenvattend : Bij het trefwoord 'boeddhisme' lijkt er van een daling sprake, bij de andere van een lichte stijging. In totaal (en ruw berekend) is het aantal boeken gelijk gebleven.
Verrassend, vind ik: ik had gezien het stilvallen van de Asoka-productie in dezer jaren een neergang verwacht.
Wel kwam ik nogal wat herdrukken tegen; dus het zijn niet allemaal nieuwe producties..
Opvallend is dat veel van de verkrijgbare boeken geschreven zijn door Thich Nhat Hanh en door (of namens) de Dalai Lama.
Weinig originele teksten, over vernieuwing in het Westers boeddhisme bijvoorbeeld; vooral meer van hetzelfde.
Ondanks alles zou ik zeggen: er is nog genoeg te lezen.
Er is van alles: zelfhulp, gericht op kinderen, op andere specifieke doelgroepen.
Veel voor beginners, weinig voor 'gevorderden'. Een beperkt aantal klassieke teksten en weinig of geen boeddhologie: dat moet dan maar Engelstalig.
zaterdag 1 februari 2014
Een boeddhist droomt zich af. Prinses Beatrix krijgt boekje met religieuze droompjes voor ons land
Een paar dagen voor haar verjaardag (gisteren) heeft Prinses Beatrix van de organisatie In Vrijheid Verbonden deze week een boek gekregen, met als titel 'RELIGIES DROMEN VOOR ONS LAND . Zie hun website .
Uit de Inleiding: “ Vijf religies, verenigd in In Vrijheid Verbonden, leveren in dit boek een bijdrage. Ieder nam vanuit de droom een stukje van het boek voor zijn rekening. We hebben daarbij niet alleen een droom onder woorden gebracht, maar we koppelen die droom aan een specifiek onderdeel van het boek, zodat het boek zelf als metafoor kan worden gezien van een geïntegreerde inspanning ter ondersteuning van het koningschap. Daartoe zijn onderdelen van het boek met enige willekeur verdeeld over vijf grote religies en is aan vertegenwoordigers gevraagd om dat onderdeel als beeldspraak te verwerken van wat de eigen geloofsovertuiging kan betekenen voor het Koninkrijk der Nederlanden.
De opzet is als volgt:
- van joodse zijde is nagedacht over de cover;
- hindoes bezonnen zich op het schutblad;
- boeddhisten kozen het lettertype;
- moslims symboliseerden het leeslint;
- en christenen dachten na over de illustratie ”
Andere levensbeschouwingen dan deze vijf wereldreligies (een Westers kolonialistisch concept) komen niet aan de orde. Alsof het humanisme er niet toe doet. En alsof deze religies een eenheid vormen.
Het hoofdstukje (het zijn korte dromen) over het boeddhisme is geschreven door al decennia bekende Shambhala-boeddhist Han de Wit. (Lees over de Nederlandse babyboomer-boeddhisten http://openboeddhisme.nl/babyboomers-domineren-boeddhistische-zuil/ .)
Hieronder neem ik het integraal op; even heb ik overwogen niet-relevante passages over te slaan, maar het is moeilijk te bepalen wat relevant is.
De tekst is bekend, voorjaar 2013 heeft Han, toelevend naar de inhuldiging van Willem-Alexander als koning, een langere versie, leurend om ondersteuning, verspreid.
Zie bv mijn blog uit april 2013 en (mijn reactie op) een artikel in het BD uit die periode.
Eigenlijk was ik van plan dit (hoofdstuk uit) het boek te recenseren en deze droom van een boeddhist te analyseren.
Maar de inhoud is door de inkorting ten opzichte van de versie van bijna een jaar geleden nog simplistischer geworden, dat ik het ook kort kan houden:
Naast de 'fundamentele goedheid' is er ook - in mijn ervaring - de hier genegeerde 'fundamentele slechtheid' van de mens.
En dan nog 'goedheid' en 'slechtheid' zonder het woord 'fundament' daarbij; want leegte (sunyata) betekent juist het niet hebben van een fundament.
Anders gezegd, we kunnen wel goed zijn en die goedheid is ook wel een beetje te ontwikkelen.
Maar een heel andere vraag is of 'goedheid' het enige principe is voor een rechtvaardige samenleving; georganiseerd wantrouwen is voor een goed functionerende democratie (en daar gaat Shambala helemaal niet over) ook wel nuttig.
Genant dat dit namens het boeddhisme wordt gebracht.
In de stuurgroep/klankbordgroep van 'In Vrijheid Verbonden' zitten namens de BUN de ex-bestuursleden Rinus Laban, Varamitra en Jan Willem Houthoff; die hebben kennelijk hun zegen aan deze tekst gegeven.
Arme Beatrix, om zo'n cadeau te krijgen.
PS
De BOS maakt het trouwens nog bonter door (op 2 en 8 februari) een uitzending van de leraar van Han de Wit (en zoon/opvolger van Chögyam Trungpa), Sakyong Mipham Rinpoche de titel te geven van 'An Uncommon King - Leider van een verlichte samenleving'.
Laat ik het nog maar eens duidelijk zeggen: Er is niet zoiets als een verlichte samenleving, en die gaat er ook niet komen. Met of zonder leider (of koning) er van.
==================================================================
Uit: RELIGIES DROMEN VOOR ONS LAND
...
de verticale oriëntatie
– een bijdrage vanuit het Boeddhisme – [door Han de Wit]
Het door de Boeddhisten gekozen lettertype is ‘Century Gothic’. De reden om voor dit lettertype te kiezen is, naast esthetiek, de belangrijkste eigenschappen van de gotiek of ‘Gothic’, namelijk de 'drang naar verticaliteit' en naar 'licht’, iets waarin vele religies elkaar vinden. De gotiek wordt gezien als de eerste echt vernieuwende stijl sinds de val van het Romeinse Rijk, iets dergelijks geldt ook voor de interreligieuze dialoog, die een vernieuwend fenomeen is na eeuwen van Christelijk overwicht.
De naam van het lettertype is tevens een knipoog naar het Christelijk fundament waarop de Nederlandse samenleving is gebouwd en waarin andere religies nu ook kunnen floreren. Tenslotte verbruikt ‘Century Gothic’ circa 30% minder inkt en is daarom bescheiden met respect voor het mysterie van de schepping, eigenschappen die in alle religies belichaamd worden.
Humane samenleving
Van oudsher is in het Boeddhisme nagedacht over hoe een humane of verlichte samenleving te scheppen. Pogingen daartoe zijn ook ondernomen. Heel bekend is de samenleving, die door Indiase keizer Ashoka van de Maurya dynastie uit de 3e eeuw voor Christus werd gecreëerd.
Al deze pogingen gaan terug op een nog oudere legende over het koninkrijk Shambhala en zijn koning Suchandra, die een leerling van de Boeddha was. Shambhala was zo’n verlichte samenleving. De maatschappelijke taak van de koning was deze principes levend te houden. Wat voor principes waren dat? Het waren, zo wordt gezegd, principes van het hart. Zulke principes zijn niet gebaseerd op een maatschappelijke theorie of politieke ideologie,
maar op een héél persoonlijke en tegelijk universele menselijke ervaring: de ervaring dat wij ten diepste goedwillende wezens zijn: we willen van ons leven en onze samenlevingsverbanden, van gezin tot maatschappij, iets maken. Het ervaren van dat verlangen in onszelf wordt in Shambhala de ervaring van onze fundamentele goedheid genoemd. Die ervaring is van alle tijden en alle culturen. Het is het fundament van onze menselijkheid, van onze boeddhanatuur. Gezegd wordt dat ieder mens die bezit en bij momenten ervaart. Ze is de vitaliteit van onszelf en van èlke cultuur.
Vertrouwen bindt
Maar hoe gaat een samenleving er uit zien, als die juist door wantrouwen en twijfel aan de goede gezindheid van anderen (en van onszelf!) wordt gevormd? Heeft zij toekomst? Vertrouwen verbindt, wantrouwen ontbindt een samenleving. Dat mensen er ten diepste naar verlangen dat het goed gaat met henzelf, hun naasten, ja, met de wereld, daarvoor is dan geen plaats. Weliswaar voelen we zelf, bijna stiekem, dat verlangen wel, maar denken toch al gauw dat het bij andere mensen mogelijk anders ligt. En zij denken dat over ons! Waar komt anders alle ellende, agressie en hardvochtigheid die we om ons heen zien, vandaan? Als de duivel dan niet bestaat, dan moeten het toch de mensen zelf zijn waarin duivelse krachten wonen? Het klinkt zo logisch.
En toch, we voelen in onszelf dit diepe verlangen! Is niet juist het verdriet, de boosheid die we voelen als we leed en onrecht om ons heen zien, het onomstotelijke bewijs dat dit verlangen in ons leeft? En is het niet zelfs aanwezig als we vanuit die frustratie en boosheid allerlei domme dingen doen? Immers, als het niét in ons zou leven, dan zou leed en onrecht ons niet deren. Maar het is andersom: wanneer dit verlangen wordt vervuld, doet dat ons goed. Het inspireert ons. Het maakt ons, in de meest diepe zin, gelukkig, we zijn en voelen ons op ons best: we ervaren onze fundamentele goedheid.
Fundamentele goedheid
Wat betekent dit alles nu voor onze omgang met onze westerse samenleving in deze tijd? Net zoals koning Suchandra die elementen in zijn koninkrijk zocht, die een verlichte samenleving kunnen ondersteunen, zo kunnen ook wij die aspecten in onze westerse samenleving gaan ondersteunen, die met onze fundamentele goedheid resoneren. Welke dat zijn, dat zullen we in elke situatie steeds opnieuw en fris moeten inschatten. Daar is geen formule voor te geven. Door onze ervaring van onze fundamentele goedheid te cultiveren en te leren vertrouwen, kunnen we leren vanuit deze ervaring te handelen, te spreken, werken, organiseren en wat niet al. En dat niet uit plichtsgevoel, of uit angst voor vergelding of straf en al helemaal niet vanuit een vooropgezette ideologie, maar vanuit de wetenschap en ervaring dat handelen vanuit fundamentele goedheid onze cultuur verheft en humaniseert. Zo brengen we een verlichte manier van samenleven dichterbij, in ons gezin, in onze vriendenkring, ons werk en de maatschappij.
Bron: Boek 'Religies dromen voor ons land'
Uit de Inleiding: “ Vijf religies, verenigd in In Vrijheid Verbonden, leveren in dit boek een bijdrage. Ieder nam vanuit de droom een stukje van het boek voor zijn rekening. We hebben daarbij niet alleen een droom onder woorden gebracht, maar we koppelen die droom aan een specifiek onderdeel van het boek, zodat het boek zelf als metafoor kan worden gezien van een geïntegreerde inspanning ter ondersteuning van het koningschap. Daartoe zijn onderdelen van het boek met enige willekeur verdeeld over vijf grote religies en is aan vertegenwoordigers gevraagd om dat onderdeel als beeldspraak te verwerken van wat de eigen geloofsovertuiging kan betekenen voor het Koninkrijk der Nederlanden.
De opzet is als volgt:
- van joodse zijde is nagedacht over de cover;
- hindoes bezonnen zich op het schutblad;
- boeddhisten kozen het lettertype;
- moslims symboliseerden het leeslint;
- en christenen dachten na over de illustratie ”
Andere levensbeschouwingen dan deze vijf wereldreligies (een Westers kolonialistisch concept) komen niet aan de orde. Alsof het humanisme er niet toe doet. En alsof deze religies een eenheid vormen.
Het hoofdstukje (het zijn korte dromen) over het boeddhisme is geschreven door al decennia bekende Shambhala-boeddhist Han de Wit. (Lees over de Nederlandse babyboomer-boeddhisten http://openboeddhisme.nl/babyboomers-domineren-boeddhistische-zuil/ .)
Hieronder neem ik het integraal op; even heb ik overwogen niet-relevante passages over te slaan, maar het is moeilijk te bepalen wat relevant is.
De tekst is bekend, voorjaar 2013 heeft Han, toelevend naar de inhuldiging van Willem-Alexander als koning, een langere versie, leurend om ondersteuning, verspreid.
Zie bv mijn blog uit april 2013 en (mijn reactie op) een artikel in het BD uit die periode.
Eigenlijk was ik van plan dit (hoofdstuk uit) het boek te recenseren en deze droom van een boeddhist te analyseren.
Maar de inhoud is door de inkorting ten opzichte van de versie van bijna een jaar geleden nog simplistischer geworden, dat ik het ook kort kan houden:
Naast de 'fundamentele goedheid' is er ook - in mijn ervaring - de hier genegeerde 'fundamentele slechtheid' van de mens.
En dan nog 'goedheid' en 'slechtheid' zonder het woord 'fundament' daarbij; want leegte (sunyata) betekent juist het niet hebben van een fundament.
Anders gezegd, we kunnen wel goed zijn en die goedheid is ook wel een beetje te ontwikkelen.
Maar een heel andere vraag is of 'goedheid' het enige principe is voor een rechtvaardige samenleving; georganiseerd wantrouwen is voor een goed functionerende democratie (en daar gaat Shambala helemaal niet over) ook wel nuttig.
Genant dat dit namens het boeddhisme wordt gebracht.
In de stuurgroep/klankbordgroep van 'In Vrijheid Verbonden' zitten namens de BUN de ex-bestuursleden Rinus Laban, Varamitra en Jan Willem Houthoff; die hebben kennelijk hun zegen aan deze tekst gegeven.
Arme Beatrix, om zo'n cadeau te krijgen.
PS
De BOS maakt het trouwens nog bonter door (op 2 en 8 februari) een uitzending van de leraar van Han de Wit (en zoon/opvolger van Chögyam Trungpa), Sakyong Mipham Rinpoche de titel te geven van 'An Uncommon King - Leider van een verlichte samenleving'.
Laat ik het nog maar eens duidelijk zeggen: Er is niet zoiets als een verlichte samenleving, en die gaat er ook niet komen. Met of zonder leider (of koning) er van.
==================================================================
Uit: RELIGIES DROMEN VOOR ONS LAND
...
de verticale oriëntatie
– een bijdrage vanuit het Boeddhisme – [door Han de Wit]
Het door de Boeddhisten gekozen lettertype is ‘Century Gothic’. De reden om voor dit lettertype te kiezen is, naast esthetiek, de belangrijkste eigenschappen van de gotiek of ‘Gothic’, namelijk de 'drang naar verticaliteit' en naar 'licht’, iets waarin vele religies elkaar vinden. De gotiek wordt gezien als de eerste echt vernieuwende stijl sinds de val van het Romeinse Rijk, iets dergelijks geldt ook voor de interreligieuze dialoog, die een vernieuwend fenomeen is na eeuwen van Christelijk overwicht.
De naam van het lettertype is tevens een knipoog naar het Christelijk fundament waarop de Nederlandse samenleving is gebouwd en waarin andere religies nu ook kunnen floreren. Tenslotte verbruikt ‘Century Gothic’ circa 30% minder inkt en is daarom bescheiden met respect voor het mysterie van de schepping, eigenschappen die in alle religies belichaamd worden.
Humane samenleving
Van oudsher is in het Boeddhisme nagedacht over hoe een humane of verlichte samenleving te scheppen. Pogingen daartoe zijn ook ondernomen. Heel bekend is de samenleving, die door Indiase keizer Ashoka van de Maurya dynastie uit de 3e eeuw voor Christus werd gecreëerd.
Al deze pogingen gaan terug op een nog oudere legende over het koninkrijk Shambhala en zijn koning Suchandra, die een leerling van de Boeddha was. Shambhala was zo’n verlichte samenleving. De maatschappelijke taak van de koning was deze principes levend te houden. Wat voor principes waren dat? Het waren, zo wordt gezegd, principes van het hart. Zulke principes zijn niet gebaseerd op een maatschappelijke theorie of politieke ideologie,
maar op een héél persoonlijke en tegelijk universele menselijke ervaring: de ervaring dat wij ten diepste goedwillende wezens zijn: we willen van ons leven en onze samenlevingsverbanden, van gezin tot maatschappij, iets maken. Het ervaren van dat verlangen in onszelf wordt in Shambhala de ervaring van onze fundamentele goedheid genoemd. Die ervaring is van alle tijden en alle culturen. Het is het fundament van onze menselijkheid, van onze boeddhanatuur. Gezegd wordt dat ieder mens die bezit en bij momenten ervaart. Ze is de vitaliteit van onszelf en van èlke cultuur.
Vertrouwen bindt
Maar hoe gaat een samenleving er uit zien, als die juist door wantrouwen en twijfel aan de goede gezindheid van anderen (en van onszelf!) wordt gevormd? Heeft zij toekomst? Vertrouwen verbindt, wantrouwen ontbindt een samenleving. Dat mensen er ten diepste naar verlangen dat het goed gaat met henzelf, hun naasten, ja, met de wereld, daarvoor is dan geen plaats. Weliswaar voelen we zelf, bijna stiekem, dat verlangen wel, maar denken toch al gauw dat het bij andere mensen mogelijk anders ligt. En zij denken dat over ons! Waar komt anders alle ellende, agressie en hardvochtigheid die we om ons heen zien, vandaan? Als de duivel dan niet bestaat, dan moeten het toch de mensen zelf zijn waarin duivelse krachten wonen? Het klinkt zo logisch.
En toch, we voelen in onszelf dit diepe verlangen! Is niet juist het verdriet, de boosheid die we voelen als we leed en onrecht om ons heen zien, het onomstotelijke bewijs dat dit verlangen in ons leeft? En is het niet zelfs aanwezig als we vanuit die frustratie en boosheid allerlei domme dingen doen? Immers, als het niét in ons zou leven, dan zou leed en onrecht ons niet deren. Maar het is andersom: wanneer dit verlangen wordt vervuld, doet dat ons goed. Het inspireert ons. Het maakt ons, in de meest diepe zin, gelukkig, we zijn en voelen ons op ons best: we ervaren onze fundamentele goedheid.
Fundamentele goedheid
Wat betekent dit alles nu voor onze omgang met onze westerse samenleving in deze tijd? Net zoals koning Suchandra die elementen in zijn koninkrijk zocht, die een verlichte samenleving kunnen ondersteunen, zo kunnen ook wij die aspecten in onze westerse samenleving gaan ondersteunen, die met onze fundamentele goedheid resoneren. Welke dat zijn, dat zullen we in elke situatie steeds opnieuw en fris moeten inschatten. Daar is geen formule voor te geven. Door onze ervaring van onze fundamentele goedheid te cultiveren en te leren vertrouwen, kunnen we leren vanuit deze ervaring te handelen, te spreken, werken, organiseren en wat niet al. En dat niet uit plichtsgevoel, of uit angst voor vergelding of straf en al helemaal niet vanuit een vooropgezette ideologie, maar vanuit de wetenschap en ervaring dat handelen vanuit fundamentele goedheid onze cultuur verheft en humaniseert. Zo brengen we een verlichte manier van samenleven dichterbij, in ons gezin, in onze vriendenkring, ons werk en de maatschappij.
Bron: Boek 'Religies dromen voor ons land'
maandag 20 januari 2014
Theologen en media, een VU-discussie over religieuze omroepen; en de toekomst van boeddhistische media
Verleden week ben ik naar een van de bijeenkomsten geweest die de VU, faculteit godgeleerdheid, organiseerde in hun zogeheten graduation week.
De bijeenkomst ging over de toekomst van religie in de media, schijnbaar een breed thema maar in werkelijkheid ging het (bijna) alleen over de publieke omroep.
De website Nieuwwij vatte het als volgt samen:
“De subsidie is ingetrokken voor de kleine godsdienstige en levensbeschouwelijke omroepen IKON, Human, RKK, de Joodse omroep, het hindoeïstische OHM, de boeddhistische omroep BOS en Zendtijd voor Kerken. Daardoor verandert het religieuze landschap in de media ingrijpend. Betekent dit dat religie zal verdwijnen uit de media? Of komt religie in andere vormen en op andere kanalen terug in de media? En gloort er toch een toekomstperspectief aan het media firmament voor afgestudeerde jonge theologen en religiewetenschappers?
Deze vragen kwamen vorige week aan bod tijdens een debat in Amsterdam in het kader van de VU Graduation Week. Onder leiding van Johan Roeland (docent media, religie en cultuur VU) gingen Job de Haan (voormalig hoofd radio van IKON), Bikram Lalbahadoersing, (voormalig medewerker van OHM) en Hennie Burggraaff (presentator NCRV-radio) met elkaar in debat over de toekomst voor religie in de media. ”
Bron: www.nieuwwij.nl/nieuws/heeft-god-toekomst-hilversum/
' ...(bijna) alleen over de publieke omroep ', schreef ik hierboven.
De NCRV, de IKON en (protestant-christelijke) theologen in het algemeen bepaalden grotendeels de discussie.
Er was een uitzondering: een inleiding (column genoemd, ik weet niet waarom) van Inger van Nes over het gebruik van met name twitter en facebook.
Ik heb, in de zaal en later in een schriftelijke reactie op deze column in hetzelfde 'Nieuwwij', het wat breder getrokken.
Hieronder mijn reactie, met verbetering van een paar foutjes:
“ Bij het nalezen even interessant als bij het aanhoren gisteren. Wel lopen er twee thema’s door elkaar:
(1) Is een apart christelijk (waarschijnlijk bedoeld: protestant) mediaplatform gewenst?
In mijn geval zou dat vertaald moeten worden als: is een apart boeddhistisch mediaplatform gewenst? Want het was toch niet bedoeld als – alleen – een discussie over het christendom in de media, maar over alle eind volgend jaar verdwijnende 2.42-omroepen?
Ik heb wel behoefte aan een – boeddhistisch in mijn geval – platform (eigenlijk een rare beeldspraak: een platform is een verhoging waar je makkelijk af kan vallen); daar hoef ik niet van alles uit te leggen maar kan meteen ter zake komen.
Boeddhisme ook bij de NCRV, zoals gisteren werd voorgesteld of aangeboden? Ook wel (als het maar niet gaat om het binnenhalen van een deel van de beschikbaar komende 9 of 12 miljoen voor levensbeschouwelijke programma’s na 2015); maar beslist niet alleen.
(2) Zijn sociale media als twitter en facebook niet veel geschikter dan media als omroepen?
Daar ben ik het mee eens; gisteren stelde ik dat in ieder geval voor de niet-christelijke religies na het verdwijnen van ‘hun’ omroepen eerder moeten kijken naar op internet gebaseerde media. Televisie is sowieso niet geschikt voor levensbeschouwelijke programma’s, is mijn ervaring (het wordt bijna altijd esthetiek of entertainment)
Maar dan niet alleen de media die Inger noemde; zij had het over de mobiliserende, de maatschappelijke, functie ervan. Dat is nodig en via het net mogelijk, maar levensbeschouwelijk medium heeft ook twee andere functies: de journalistieke en de inhoudelijke: expliciet de levensbeschouwing brengen
Dus ook podcasts, blogs, en (beschouwingen over) levensbeschouwelijke teksten, longreads heet dat tegenwoordig.”
Zie verder www.nieuwwij.nl/opinie/christelijke-media/
Mijn geringe animo voor de suggestie van Hennie Burggraaff van de NCRV-Radio, dat de boeddhisten bij de NCRV welkom zijn, was dat ze niet duidelijk maakte (ook na een gerichte vraag van mij vanuit de zaal) wat dat dan in kon houden, ook financieel en personeel.
Maar vooral omdat zij nogal de nadruk legde op de rol (van de KRO-NCRV zoals de gefuseerde omroep nu heet) van het verbinden van mensen en van religies. Ik voel me met sommige mensen meer verbonden als met anderen en ik zie verschillen, ook tussen levensbeschouwingen. 'Verbinden' is niet mijn prioriteit.
En een televisie-evenement als het programma als 'De Passie', waar enthousiast over werd gedaan, riep bij mij het gevoel op: hier wil ik niets mee te maken hebben.
Nog een opmerking over geld, in de vorm van over werkgelegenheid. Het was duidelijk een subdoel van deze VU-bijeenkomst, na te gaan of afgestudeerde theologen werk konden vinden in de media (in Hilversum kennelijk, al werd dat niet expliciet gezegd).
Veel nieuwe banen zullen er niet komen bij de publieke omroep, dat was wel duidelijk; en levensbeschouwelijke programma's, de corebusiness van theologen (althans de protestante levensbeschouwing) is maar klein deel van wat de publieke omroep gaat doen.
Blijft over het verdienmodel van andere media, van op het boeddhisme georiënteerde media in het bijzonder. Kunnen die professionals in dienst hebben, betaald uit hun inkomsten? Lijkt me heel onwaarschijnlijk. Het aantal mensen met affiniteit tot het boeddhisme is al kleiner dan velen denken en voorzover die affiniteit er is, is die voor een groot percentage vrijblijvend van aard, bijvoorbeeld als om abonneren of donaties wordt gevraagd.
Ik ben gematigd positief over de toekomst – de komende vijf a tien jaar, verder kan ik niet kijken – wat betreft boeddhistische blogs, podcasts etc., en misschien nog een paar tijdschriften; maar het blijft vrijwilligerswerk.
En wat er na 31 december 2015 in Hilversum gebeurt wat betreft boeddhistische programma's? Er komt toch een potje van 9 of 12 miljoen euro per jaar voor, zo wil de politiek (Tweede en daarna eroverheen de Eerste Kamer)?
Na afloop van de VU-bijeenkomst zei ik tegen een ook aanwezige ex-2.42omroep-directeur dat de invulling daarvan bepaald zal worden aan de hand van het advies deze maand van de Raad voor Cultuur (zie vraag van de staatssecretaris ). Hun website heeft nog geen nieuws hierover.
Zijn reactie: daar zal niet zoveel invloed van uit gaan, dat bepalen de omroepen zelf wel.
Ik ben cynisch genoeg om me te kunnen voorstellen dat het zo gaat; maar ook als er wel een echte regeling komt, zal het blijven gaan om incidentele programma's over (bijvoorbeeld) het boeddhisme, niet iets om je mee te kunnen identificeren als boeddhist.
De bijeenkomst ging over de toekomst van religie in de media, schijnbaar een breed thema maar in werkelijkheid ging het (bijna) alleen over de publieke omroep.
De website Nieuwwij vatte het als volgt samen:
“De subsidie is ingetrokken voor de kleine godsdienstige en levensbeschouwelijke omroepen IKON, Human, RKK, de Joodse omroep, het hindoeïstische OHM, de boeddhistische omroep BOS en Zendtijd voor Kerken. Daardoor verandert het religieuze landschap in de media ingrijpend. Betekent dit dat religie zal verdwijnen uit de media? Of komt religie in andere vormen en op andere kanalen terug in de media? En gloort er toch een toekomstperspectief aan het media firmament voor afgestudeerde jonge theologen en religiewetenschappers?
Deze vragen kwamen vorige week aan bod tijdens een debat in Amsterdam in het kader van de VU Graduation Week. Onder leiding van Johan Roeland (docent media, religie en cultuur VU) gingen Job de Haan (voormalig hoofd radio van IKON), Bikram Lalbahadoersing, (voormalig medewerker van OHM) en Hennie Burggraaff (presentator NCRV-radio) met elkaar in debat over de toekomst voor religie in de media. ”
Bron: www.nieuwwij.nl/nieuws/heeft-god-toekomst-hilversum/
' ...(bijna) alleen over de publieke omroep ', schreef ik hierboven.
De NCRV, de IKON en (protestant-christelijke) theologen in het algemeen bepaalden grotendeels de discussie.
Er was een uitzondering: een inleiding (column genoemd, ik weet niet waarom) van Inger van Nes over het gebruik van met name twitter en facebook.
Ik heb, in de zaal en later in een schriftelijke reactie op deze column in hetzelfde 'Nieuwwij', het wat breder getrokken.
Hieronder mijn reactie, met verbetering van een paar foutjes:
“ Bij het nalezen even interessant als bij het aanhoren gisteren. Wel lopen er twee thema’s door elkaar:
(1) Is een apart christelijk (waarschijnlijk bedoeld: protestant) mediaplatform gewenst?
In mijn geval zou dat vertaald moeten worden als: is een apart boeddhistisch mediaplatform gewenst? Want het was toch niet bedoeld als – alleen – een discussie over het christendom in de media, maar over alle eind volgend jaar verdwijnende 2.42-omroepen?
Ik heb wel behoefte aan een – boeddhistisch in mijn geval – platform (eigenlijk een rare beeldspraak: een platform is een verhoging waar je makkelijk af kan vallen); daar hoef ik niet van alles uit te leggen maar kan meteen ter zake komen.
Boeddhisme ook bij de NCRV, zoals gisteren werd voorgesteld of aangeboden? Ook wel (als het maar niet gaat om het binnenhalen van een deel van de beschikbaar komende 9 of 12 miljoen voor levensbeschouwelijke programma’s na 2015); maar beslist niet alleen.
(2) Zijn sociale media als twitter en facebook niet veel geschikter dan media als omroepen?
Daar ben ik het mee eens; gisteren stelde ik dat in ieder geval voor de niet-christelijke religies na het verdwijnen van ‘hun’ omroepen eerder moeten kijken naar op internet gebaseerde media. Televisie is sowieso niet geschikt voor levensbeschouwelijke programma’s, is mijn ervaring (het wordt bijna altijd esthetiek of entertainment)
Maar dan niet alleen de media die Inger noemde; zij had het over de mobiliserende, de maatschappelijke, functie ervan. Dat is nodig en via het net mogelijk, maar levensbeschouwelijk medium heeft ook twee andere functies: de journalistieke en de inhoudelijke: expliciet de levensbeschouwing brengen
Dus ook podcasts, blogs, en (beschouwingen over) levensbeschouwelijke teksten, longreads heet dat tegenwoordig.”
Zie verder www.nieuwwij.nl/opinie/christelijke-media/
Mijn geringe animo voor de suggestie van Hennie Burggraaff van de NCRV-Radio, dat de boeddhisten bij de NCRV welkom zijn, was dat ze niet duidelijk maakte (ook na een gerichte vraag van mij vanuit de zaal) wat dat dan in kon houden, ook financieel en personeel.
Maar vooral omdat zij nogal de nadruk legde op de rol (van de KRO-NCRV zoals de gefuseerde omroep nu heet) van het verbinden van mensen en van religies. Ik voel me met sommige mensen meer verbonden als met anderen en ik zie verschillen, ook tussen levensbeschouwingen. 'Verbinden' is niet mijn prioriteit.
En een televisie-evenement als het programma als 'De Passie', waar enthousiast over werd gedaan, riep bij mij het gevoel op: hier wil ik niets mee te maken hebben.
Nog een opmerking over geld, in de vorm van over werkgelegenheid. Het was duidelijk een subdoel van deze VU-bijeenkomst, na te gaan of afgestudeerde theologen werk konden vinden in de media (in Hilversum kennelijk, al werd dat niet expliciet gezegd).
Veel nieuwe banen zullen er niet komen bij de publieke omroep, dat was wel duidelijk; en levensbeschouwelijke programma's, de corebusiness van theologen (althans de protestante levensbeschouwing) is maar klein deel van wat de publieke omroep gaat doen.
Blijft over het verdienmodel van andere media, van op het boeddhisme georiënteerde media in het bijzonder. Kunnen die professionals in dienst hebben, betaald uit hun inkomsten? Lijkt me heel onwaarschijnlijk. Het aantal mensen met affiniteit tot het boeddhisme is al kleiner dan velen denken en voorzover die affiniteit er is, is die voor een groot percentage vrijblijvend van aard, bijvoorbeeld als om abonneren of donaties wordt gevraagd.
Ik ben gematigd positief over de toekomst – de komende vijf a tien jaar, verder kan ik niet kijken – wat betreft boeddhistische blogs, podcasts etc., en misschien nog een paar tijdschriften; maar het blijft vrijwilligerswerk.
En wat er na 31 december 2015 in Hilversum gebeurt wat betreft boeddhistische programma's? Er komt toch een potje van 9 of 12 miljoen euro per jaar voor, zo wil de politiek (Tweede en daarna eroverheen de Eerste Kamer)?
Na afloop van de VU-bijeenkomst zei ik tegen een ook aanwezige ex-2.42omroep-directeur dat de invulling daarvan bepaald zal worden aan de hand van het advies deze maand van de Raad voor Cultuur (zie vraag van de staatssecretaris ). Hun website heeft nog geen nieuws hierover.
Zijn reactie: daar zal niet zoveel invloed van uit gaan, dat bepalen de omroepen zelf wel.
Ik ben cynisch genoeg om me te kunnen voorstellen dat het zo gaat; maar ook als er wel een echte regeling komt, zal het blijven gaan om incidentele programma's over (bijvoorbeeld) het boeddhisme, niet iets om je mee te kunnen identificeren als boeddhist.
woensdag 8 januari 2014
Recensie van de eerste nieuwe BOS-Radio uitzending en 'mening geënt op realistische omstandigheden'
Gisteren, naar de eerste nieuwe BOS Radio uitzending, OBA Live, dinsdagavond van zeven tot acht op Radio 5 geluisterd. Met als nieuwe vaste presentator Bettine Vriesekoop.
Een radio-recensie, een eerste (subjectieve) indruk.
Het succes van de formule wordt voor een groot deel bepaald door de keus van de gasten.
Het waren er afgelopen dinsdag drie: Christa Meindersma, Eveline Brandt en Tim van Vliet (zie aankondiging OBA Live 7 januari Wat Christa vertelde was interessant en de koppeling van haar werk en haar boeddhisme organisch (ook door de manier van vragen van Bettine).
Eveline kenden we al als columnist vorig jaar: prettig om te horen hoewel ze wel iets minder lief mag zijn; ze is tevens 'tafeldame', een begrip dat we van andere presentatorgecentreerde programma's (DWDD bijvoorbeeld) kennen, maar hier weinig voorstelde; misschien is dat slechts de onwennigheid, of gebrek aan dwarsheid.
Hoewel de feminisering van het boeddhisme bij mij gemengde gevoelens oproept, moet ik zeggen dat alleen Tim van Vliet een slechte keus was: een Tijn Touber kloon die tevreden met zichzelf is en ongegeneerd reclame voor z'n activiteiten maakte.
Het succes van de formule wordt misschien voor nog een groter deel bepaald door de presentator. Ik moet zeggen, Bettine Vriesekoop een aanwinst te vinden. Niet alleen omdat we sommige stemmen op de BOS wel erg vaak hebben gehoord, maar ook door haar presentatie. Dat die nog wat onwennig was, vond ik geen probleem, ze meldde ook gewoon aan het begin dat dit nieuw werk voor haar was. Ik ben wel benieuwd of ze ook met andere typen (boeddhisten) een goed gesprek kan voeren.
Nieuw is verder dat ook publiek welkom is bij de OBA Live uitzendingen. Daar heb ik de meerwaarde nog niet van gemerkt: het publiek was niet te horen en Bettine durfde hen kennelijk (nog) niet bij de gesprekken te betrekken. Misschien heeft het effect op de sprekers, niet op de luisteraars.
De BOS Radio uitzendingen tot dit jaar hadden altijd een informatief-journalistiek onderdeel, meestal aan het begin. Dat is in deze nieuwe formule weggevallen.
Wel is het de bedoeling dat de presentator actuele thema's in haar gesprekken verwerkt; Bettine deed dat dit keer met het nieuwsfeit dat de Dalai Lama naar Nederland komt; dit aspect (weer waarschijnlijk door de onwennigheid) bleef wat vlak. Gelukkig durfde Eveline niet-enthousiast te zijn over dit bezoek en de mogelijk massale opkomst bij een lezing van hem.
Volgende week is Bernice Notenboom te gast, mogelijk de enige gast, blijkens de aankondiging . Ze heet 'beroepsavonturier' te zijn, vast wel interessant; nogal VPRO-achtig, zou ik zeggen, en het verband met het boeddhisme moet ik nog maar merken.
Nog twee losse punten:
– Het tweede deel van de BOS Radio uitzendingen op de dinsdagavond is van twaalf tot half één. Dan slapen fatsoenlijke boeddhisten al lang, maar daar kan de BOS niets aan doen. Ik heb de podcast nog niet goed kunnen beluisteren: het programma van 19 uur en dat van 24 uur staan over elkaar heen (en als meditator volg ik de regel 'één input tegelijk').
Update 9 januari Inmiddels is het probleem opgelost. Boeiend, elitair zoals elitair hoort te zijn.
– Tijdens het vorige radioprogramma, het laatse Hemelsbreed oude stijl van 28 december 2013 vertelde BOS-directeur Laetitia Schoofs over de toekomstplannen. Ze vestigt haar hoop op de per motie half toegezegde 9 of 12 miljoen voor levensbeschouwelijke programma's; of dat bedrag volgens de bestaande sleutel wordt verdeeld per levensbeschouwing en of de ex-242-omroepen met enig succes dat bedrag kunnen claimen (een klein miljoen per jaar voor de BOS), is maar de vraag.
Wel weer iets om op terug te komen, met name als de Raad voor Cultuur hierover later deze maand (volgens plan) advies uitbrengt; en als de (St Vrienden van de) BOS echt een campagne start met het ergerlijke en gewoon foute motto 'Verrijk je karma, steun de BOS '.
Een radio-recensie, een eerste (subjectieve) indruk.
Het succes van de formule wordt voor een groot deel bepaald door de keus van de gasten.
Het waren er afgelopen dinsdag drie: Christa Meindersma, Eveline Brandt en Tim van Vliet (zie aankondiging OBA Live 7 januari Wat Christa vertelde was interessant en de koppeling van haar werk en haar boeddhisme organisch (ook door de manier van vragen van Bettine).
Eveline kenden we al als columnist vorig jaar: prettig om te horen hoewel ze wel iets minder lief mag zijn; ze is tevens 'tafeldame', een begrip dat we van andere presentatorgecentreerde programma's (DWDD bijvoorbeeld) kennen, maar hier weinig voorstelde; misschien is dat slechts de onwennigheid, of gebrek aan dwarsheid.
Hoewel de feminisering van het boeddhisme bij mij gemengde gevoelens oproept, moet ik zeggen dat alleen Tim van Vliet een slechte keus was: een Tijn Touber kloon die tevreden met zichzelf is en ongegeneerd reclame voor z'n activiteiten maakte.
Het succes van de formule wordt misschien voor nog een groter deel bepaald door de presentator. Ik moet zeggen, Bettine Vriesekoop een aanwinst te vinden. Niet alleen omdat we sommige stemmen op de BOS wel erg vaak hebben gehoord, maar ook door haar presentatie. Dat die nog wat onwennig was, vond ik geen probleem, ze meldde ook gewoon aan het begin dat dit nieuw werk voor haar was. Ik ben wel benieuwd of ze ook met andere typen (boeddhisten) een goed gesprek kan voeren.
Nieuw is verder dat ook publiek welkom is bij de OBA Live uitzendingen. Daar heb ik de meerwaarde nog niet van gemerkt: het publiek was niet te horen en Bettine durfde hen kennelijk (nog) niet bij de gesprekken te betrekken. Misschien heeft het effect op de sprekers, niet op de luisteraars.
De BOS Radio uitzendingen tot dit jaar hadden altijd een informatief-journalistiek onderdeel, meestal aan het begin. Dat is in deze nieuwe formule weggevallen.
Wel is het de bedoeling dat de presentator actuele thema's in haar gesprekken verwerkt; Bettine deed dat dit keer met het nieuwsfeit dat de Dalai Lama naar Nederland komt; dit aspect (weer waarschijnlijk door de onwennigheid) bleef wat vlak. Gelukkig durfde Eveline niet-enthousiast te zijn over dit bezoek en de mogelijk massale opkomst bij een lezing van hem.
Volgende week is Bernice Notenboom te gast, mogelijk de enige gast, blijkens de aankondiging . Ze heet 'beroepsavonturier' te zijn, vast wel interessant; nogal VPRO-achtig, zou ik zeggen, en het verband met het boeddhisme moet ik nog maar merken.
Nog twee losse punten:
– Het tweede deel van de BOS Radio uitzendingen op de dinsdagavond is van twaalf tot half één. Dan slapen fatsoenlijke boeddhisten al lang, maar daar kan de BOS niets aan doen. Ik heb de podcast nog niet goed kunnen beluisteren: het programma van 19 uur en dat van 24 uur staan over elkaar heen (en als meditator volg ik de regel 'één input tegelijk').
Update 9 januari Inmiddels is het probleem opgelost. Boeiend, elitair zoals elitair hoort te zijn.
– Tijdens het vorige radioprogramma, het laatse Hemelsbreed oude stijl van 28 december 2013 vertelde BOS-directeur Laetitia Schoofs over de toekomstplannen. Ze vestigt haar hoop op de per motie half toegezegde 9 of 12 miljoen voor levensbeschouwelijke programma's; of dat bedrag volgens de bestaande sleutel wordt verdeeld per levensbeschouwing en of de ex-242-omroepen met enig succes dat bedrag kunnen claimen (een klein miljoen per jaar voor de BOS), is maar de vraag.
Wel weer iets om op terug te komen, met name als de Raad voor Cultuur hierover later deze maand (volgens plan) advies uitbrengt; en als de (St Vrienden van de) BOS echt een campagne start met het ergerlijke en gewoon foute motto 'Verrijk je karma, steun de BOS '.
Nog één keer het BoeddhistischDagblad, een paar reacties en contrareacties
Begin deze week kreeg ik een mail van de hoofdredacteur en baas (zijn uitdrukking) van het BoeddhistischDagblad, Joop Ha Hoek, waarin deze mij verbood nog langer de in zijn ogen zieke stukjes te plaatsen zoals ik omtrent de jaarwisseling kennelijk heb gedaan. Of het een volledige ban is, weet ik eigenlijk niet, misschien worden brave (positieve, adorerende) stukjes van mij nog wel opgenomen maar dat ga ik niet proberen.
Omdat waarschijnlijk de mededeling van deze mail aan mij niet aan de BD-lezers wordt gemeld, geef ik een aantal van de meest relevante passages eruit weer:
“From: boeddhistischdagblad@xxx
To: jwromeijn@xxx
CC: edje2002@xxx; xxx@onkruid.nl; ujukarin@xxx; andre@xxx; pauladewys@xxx; info@tilanusxxx; reinier@tilanusxxx; xxx@bosrtv.nl; vanbuuren@xxx; d.varamitra@dji.minjus.nl; varamitra@xxx; varamitra@xxx
Subject: Joop Romeijn, de BUN en de Dalai Lama
Date: Mon, 6 Jan 2014 16:52:43 +0100
Goedemiddag Joop, ik ken inmiddels via verschillende publicaties -in onder meer jouw weblog- jouw obsessieve gedachten en ideeën over de BUN, BOS, BZI en academische opleiding geestelijke verzorgers. Het staat je vrij die te hebben, voor mij zijn het meningen van een privépersoon, niet geënt op realistische omstandigheden. De vrijheid om je te uiten wordt echter ingeperkt als je meent de kolommen van het Boeddhistisch Dagblad daarvoor te kunnen misbruiken. In recente publicaties in mijn krant –onder meer het bezoek van de Dalai Lama aan Nederland- voerde je (het voortbestaan van) de BUN op, gekoppeld aan de functies en over de ruggen heen van Paula de Wys en Reinier Tilanus. Zo bezoedelde je een mooi bericht over een mooi mens. Ik vind dit werkelijk ziekmakend.
In plaats van dat je blij bent dat er mensen zijn die naast hun werkzaamheden voor de BUN ook nog belangeloos het bezoek van de Dalai Lama aan ons land voorbereiden en ze daarvoor het respect geeft dat ze verdienen, schok je hen en anderen met je misselijkmakende en zieke gedachten over de BUN. Want dat is waar het om gaat. Een paar dagen geleden meende je Ujukarin in een reactie een vermeend voorzitterschap van de BUN toe te moeten dichten.
En nog wat langer geleden meende je …. te moeten diskwalificeren.
...
Als baas van het Boeddhistisch Dagblad ontzeg ik je nu de mogelijkheid om in mijn krant dergelijke uitlatingen te publiceren. Het zijn gedachtenspinsels van een man met een haatdragende geest die de toekomst naar zijn hand wil zetten. Je beschadigt er bewust goedwillende en liefdevolle mensen mee, die hun vrije tijd belangeloos steken in het boeddhisme en de verschillende organisaties.
…
Mijn mail aan jou komt stand zonder ruggenspraak met de BUN of wie dan ook. Ze vertolken mijn persoonlijke gevoelens en die van mij als hoofdredacteur van deze krant en worden op eigen initiatief en met de beste intentie weergegeven.
Ik wens je een goed 2014.”
======================================================
Als mogelijke laatste keer een paar reacties van mij, zonder reacties van anderen (die zijn in het BD te lezen; vooral blijven doen, dan weet u wat er in het lieve deel van boeddhistisch Nederland leeft).
Twee maal op boeddhistischdagblad.nl/dalai-lama-bezoekt-begin-mei-2014-nederland/, van 27 en van 30 december 2014:
“ Goed nieuws voor alle geïnteresseerden in het boeddhisme en alle beoefenaren ervan, met name die van het Tibetaans boeddhisme.
Een belangrijk verschil met het vorige bezoek is ook dat de Dalai Lama niet langer de politiek leider van de Tibetanen (in ballingschap) is, dat is sinds zomer 2011 de verkozen Lobsang Sangay.
De Dalai Lama kan nu komen als boeddhist en als spiritueel leider van de Tibetaanse boeddhisten. Voor ons als aanhangers van de scheiding van kerk en staat is dat wel zo zuiver. “
…
“ Paula de Wys en Reinier Tilanus worden met name genoemd als organisatoren van dit gebeuren; daar zullen ze hun handen vol aan hebben in 2014. Ik wens ze sterkte.
Ze zijn echter ook BUN-bestuurslid, daar zullen ze dus geen tijd voor hebben.
Bovendien hebben we eerder in het BD gelezen dat de voorzitter van de BUN komend voorjaar vertrekt en de penningmeester al eerder. Wie blijft er nog over?
Het werk lijkt nu al stil te staan, we hebben (in het BD) niets van de ledenvergadering afgelopen najaar gelezen, vroeger was dat wel het geval. De VU kan bv nu al volledig haar gang gaan met de opleiding tot ‘buddhist chaplain’ zondere publieke boeddhistische controle (Of werkt de Dhamma Advies Raad wel?)
Straks stopt de BUN er nog eerder mee dan ik voorspeld had, namelijk eind 2015 als hun omroeplicensie afloopt op grond waarvan de BOS kan uitzenden. Dat mag toch niet gebeuren?
Ik wens eenieder een goed 2014 toe. “
Een paar reacties van mij op boeddhistischdagblad.nl/siddhattha-gotama-de-boeddhist-2/
van 1, 3 en 4 januari 2014 (een reactie op Jules Prast heb ik in m'n vorige blog opgenomen, de opmerking over 'onwetendheid' is eigenlijk ook aan hem gericht, want hij benadrukt nogal het 'niet weten'. )
“Ook een gelukkig nieuwjaar aan allen! Dat het opnieuw een jaar mag worden van verminderde onwetendheid (avijja).
Robert, ik had me kunnen voorstellen dat je niet had gereageerd omdat André schrijft als de traditionele Aziatische leraar, ponerend zonder zichtbare interesse in discussie of tegenspraak.
Ik kan me echter ook voorstellen dat je wel heb gereageerd. Alleen schiet je wat door als je over de ‘Sankriet Canon’ schrijft, alsof er een homogeen en ongeveer tegelijkertijd gecomponeerd geheel van teksten is.
Sommige Mahayana-teksten zijn van voor onze jaartelling en sommige van (eeuwen) na onze jaartelling. Sommige zijn in het Sanskriet geschreven en later in het Chinees vertaald, sommige zijn oorspronkelijk Chinese composities zoals de Hart Sutra (en misschien geldt dat ook wel voor Tibetaans, daar weet ik te weinig van).
Ditzelfde geldt voor de Pali Canon; al denk ik wel dat de gemiddelde leeftijd daarvan wat hoger is; maar ook hier is er sprake van voor (misschin 400 jaar voor, misschien 100 jaar voor) en teksten na onze jaartelling.
Maar wat doet dat er toe? Theravada en Zen zijn toch gewoon twee verschillende religies (of filosofieën); net zo als Nichiren en Tibetaans boeddhisme dat zijn? Ze hebben maar twee zaken gemeenschappelijk: het gebruik van de naam ‘Boeddha’ en de neiging om hun teksten ouder te laten lijken dan ze zijn: te antedateren
Wij zijn dol op authenticiteit, waarbij het lastig is dat dat twee betekenissen heeft:
- zuiver, direct uit het hart komend
- oorspronkelijk en dus uit de oudheid komend.
Die twee zijn wat lastig te verenigen, dat is het hele probleem. “
Op een reactie van Ujukarin:
“Schitterend, ik zou haast zeggen: hier spreekt de nieuwe BUN-voorzitter
Terecht leg je nadruk op de sangha, in plaats van op de leraar zoals velen helaas doen.
Alleen vind ik je wel wat oordelend als je zegt “wie … niets van Vriendschap/Sangha respecteert is dus m.i. ook geen volgeling van de Dhamma “. Zelfs als je het teveel gebruikte woord ‘respecteren’ vervangt door bv ‘nodig denkt te hebben’, dan nog vind ik deze laatste zin van je heldere betoog overbodig.”
En idem van 4 januari:
“Waarom niet, je naam wordt genoemd, het is maar voor twee jaar, Ujukarin?
Nu de kern: ik ben het wel met je eens dat samen beoefenen essentieel want verrijkend (mudita-gevend) is, maar wil een anderen uitsluitende zin als 'ik herken ze niet als mede-gangers op het pad' niet voor m’n rekening nemen.
En uiteindelijk moet men ook z’n groep durven kunnen loslaten.
Geheel terzijde, voor de liefhebbers van de Hart Sutra (u weet wel, van ‘Vorm is leegte’), een variant gecomponeerd in de 20e eeuw van onze jaartelling:
”The Hard Sutra
Thus have I heard. At one time the Blessed One was staying at Savatthi,
in Jetavana, Anathapindika’s Park. ‘Monks,’ the Blessed One addressed
the community of monks. ‘Yes, Blessed One,’ the monks replied. The
Blessed one stated: ‘Monks, there is but one way to learn and that is the
hard way. Do not be deceived.’ The monks rejoiced at the Blessed One’s words. ”
‘De harde weg’, daar houden sommige beoefenaren vast niet van. “
======================================================
Tot zover deze citaten van mezelf
Ik heb wel ergere dingen geschreven in m'n leven. Maar schrijven over de Dalai Lama ligt kennelijk gevoelig, terwijl het bezoek van deze spiritueel leider van de Gelugpa's voor mij dezelfde beperkte betekenis heeft als een bezoek van een (rooms-katholieke) Paus aan Nederland voor een protestant.
Opvallend is dat de persoon met de naam Anne, degene waarmee ik medio 2013 herhaaldelijk botste, op 7 januari het beste commentaar op de reacties over dit bezoek heeft gegeven: “Wel jammer dat het meer om de man dan om zijn boodschap lijkt te gaan.”
Waar de hoofdredacteur van het BD kennelijk geen oog voor heeft, is het centrale thema in deze en andere reacties van mij de afgelopen maand: de cultuur bij Nederlandse boeddhisten van het elkaar (inclusief de leraar) bewonderen ; dat soort feestjes wil ik inderdaad soms wel bederven.
Eén punt in de mail verbaast me, namelijk dat in het lijstje van mijn 'obsessieve gedachten' ook die over een ' academische opleiding geestelijke verzorgers ' is opgenomen; terwijl ik veel positiever ten opzichte van die opleiding sta als bv André Kalden en Joop Ha Hoek en veel anti-intellectualistische boeddhisten, en ik daar tal van constructieve ideeën over gelanceerd heb, kritisch maar constructief (behalve dan, dat moet ik wel toegeven, als het over de BZI gaat, want dat is naatje).
En één punt amuseert me (twee eigenlijk, ook dat er drie cc's van de mail naar Varamitra zijn gegaan, heeft die zoveel rollen?), namelijk het verwijt dat ik "de toekomst naar mijn hand wil zetten.". Liever het verleden naar m'n hand zetten dan; of liever de toekomst naar andermans hand zetten dan?
Op één punt tenslotte heeft Hoek gelijk: mijn vastberadenheid t.a.v. de gewenste opheffing van de BUN is in de loop der jaren niet verminderd (waarbij voorzitters kwamen en voorzitters gingen); dat kan inderdaad een obsessie genoemd worden. Daar kan ik wel mee stoppen, dat hoeft niet meer; toch nog een goed voornemen dit jaar.
Omdat waarschijnlijk de mededeling van deze mail aan mij niet aan de BD-lezers wordt gemeld, geef ik een aantal van de meest relevante passages eruit weer:
“From: boeddhistischdagblad@xxx
To: jwromeijn@xxx
CC: edje2002@xxx; xxx@onkruid.nl; ujukarin@xxx; andre@xxx; pauladewys@xxx; info@tilanusxxx; reinier@tilanusxxx; xxx@bosrtv.nl; vanbuuren@xxx; d.varamitra@dji.minjus.nl; varamitra@xxx; varamitra@xxx
Subject: Joop Romeijn, de BUN en de Dalai Lama
Date: Mon, 6 Jan 2014 16:52:43 +0100
Goedemiddag Joop, ik ken inmiddels via verschillende publicaties -in onder meer jouw weblog- jouw obsessieve gedachten en ideeën over de BUN, BOS, BZI en academische opleiding geestelijke verzorgers. Het staat je vrij die te hebben, voor mij zijn het meningen van een privépersoon, niet geënt op realistische omstandigheden. De vrijheid om je te uiten wordt echter ingeperkt als je meent de kolommen van het Boeddhistisch Dagblad daarvoor te kunnen misbruiken. In recente publicaties in mijn krant –onder meer het bezoek van de Dalai Lama aan Nederland- voerde je (het voortbestaan van) de BUN op, gekoppeld aan de functies en over de ruggen heen van Paula de Wys en Reinier Tilanus. Zo bezoedelde je een mooi bericht over een mooi mens. Ik vind dit werkelijk ziekmakend.
In plaats van dat je blij bent dat er mensen zijn die naast hun werkzaamheden voor de BUN ook nog belangeloos het bezoek van de Dalai Lama aan ons land voorbereiden en ze daarvoor het respect geeft dat ze verdienen, schok je hen en anderen met je misselijkmakende en zieke gedachten over de BUN. Want dat is waar het om gaat. Een paar dagen geleden meende je Ujukarin in een reactie een vermeend voorzitterschap van de BUN toe te moeten dichten.
En nog wat langer geleden meende je …. te moeten diskwalificeren.
...
Als baas van het Boeddhistisch Dagblad ontzeg ik je nu de mogelijkheid om in mijn krant dergelijke uitlatingen te publiceren. Het zijn gedachtenspinsels van een man met een haatdragende geest die de toekomst naar zijn hand wil zetten. Je beschadigt er bewust goedwillende en liefdevolle mensen mee, die hun vrije tijd belangeloos steken in het boeddhisme en de verschillende organisaties.
…
Mijn mail aan jou komt stand zonder ruggenspraak met de BUN of wie dan ook. Ze vertolken mijn persoonlijke gevoelens en die van mij als hoofdredacteur van deze krant en worden op eigen initiatief en met de beste intentie weergegeven.
Ik wens je een goed 2014.”
======================================================
Als mogelijke laatste keer een paar reacties van mij, zonder reacties van anderen (die zijn in het BD te lezen; vooral blijven doen, dan weet u wat er in het lieve deel van boeddhistisch Nederland leeft).
Twee maal op boeddhistischdagblad.nl/dalai-lama-bezoekt-begin-mei-2014-nederland/, van 27 en van 30 december 2014:
“ Goed nieuws voor alle geïnteresseerden in het boeddhisme en alle beoefenaren ervan, met name die van het Tibetaans boeddhisme.
Een belangrijk verschil met het vorige bezoek is ook dat de Dalai Lama niet langer de politiek leider van de Tibetanen (in ballingschap) is, dat is sinds zomer 2011 de verkozen Lobsang Sangay.
De Dalai Lama kan nu komen als boeddhist en als spiritueel leider van de Tibetaanse boeddhisten. Voor ons als aanhangers van de scheiding van kerk en staat is dat wel zo zuiver. “
…
“ Paula de Wys en Reinier Tilanus worden met name genoemd als organisatoren van dit gebeuren; daar zullen ze hun handen vol aan hebben in 2014. Ik wens ze sterkte.
Ze zijn echter ook BUN-bestuurslid, daar zullen ze dus geen tijd voor hebben.
Bovendien hebben we eerder in het BD gelezen dat de voorzitter van de BUN komend voorjaar vertrekt en de penningmeester al eerder. Wie blijft er nog over?
Het werk lijkt nu al stil te staan, we hebben (in het BD) niets van de ledenvergadering afgelopen najaar gelezen, vroeger was dat wel het geval. De VU kan bv nu al volledig haar gang gaan met de opleiding tot ‘buddhist chaplain’ zondere publieke boeddhistische controle (Of werkt de Dhamma Advies Raad wel?)
Straks stopt de BUN er nog eerder mee dan ik voorspeld had, namelijk eind 2015 als hun omroeplicensie afloopt op grond waarvan de BOS kan uitzenden. Dat mag toch niet gebeuren?
Ik wens eenieder een goed 2014 toe. “
Een paar reacties van mij op boeddhistischdagblad.nl/siddhattha-gotama-de-boeddhist-2/
van 1, 3 en 4 januari 2014 (een reactie op Jules Prast heb ik in m'n vorige blog opgenomen, de opmerking over 'onwetendheid' is eigenlijk ook aan hem gericht, want hij benadrukt nogal het 'niet weten'. )
“Ook een gelukkig nieuwjaar aan allen! Dat het opnieuw een jaar mag worden van verminderde onwetendheid (avijja).
Robert, ik had me kunnen voorstellen dat je niet had gereageerd omdat André schrijft als de traditionele Aziatische leraar, ponerend zonder zichtbare interesse in discussie of tegenspraak.
Ik kan me echter ook voorstellen dat je wel heb gereageerd. Alleen schiet je wat door als je over de ‘Sankriet Canon’ schrijft, alsof er een homogeen en ongeveer tegelijkertijd gecomponeerd geheel van teksten is.
Sommige Mahayana-teksten zijn van voor onze jaartelling en sommige van (eeuwen) na onze jaartelling. Sommige zijn in het Sanskriet geschreven en later in het Chinees vertaald, sommige zijn oorspronkelijk Chinese composities zoals de Hart Sutra (en misschien geldt dat ook wel voor Tibetaans, daar weet ik te weinig van).
Ditzelfde geldt voor de Pali Canon; al denk ik wel dat de gemiddelde leeftijd daarvan wat hoger is; maar ook hier is er sprake van voor (misschin 400 jaar voor, misschien 100 jaar voor) en teksten na onze jaartelling.
Maar wat doet dat er toe? Theravada en Zen zijn toch gewoon twee verschillende religies (of filosofieën); net zo als Nichiren en Tibetaans boeddhisme dat zijn? Ze hebben maar twee zaken gemeenschappelijk: het gebruik van de naam ‘Boeddha’ en de neiging om hun teksten ouder te laten lijken dan ze zijn: te antedateren
Wij zijn dol op authenticiteit, waarbij het lastig is dat dat twee betekenissen heeft:
- zuiver, direct uit het hart komend
- oorspronkelijk en dus uit de oudheid komend.
Die twee zijn wat lastig te verenigen, dat is het hele probleem. “
Op een reactie van Ujukarin:
“Schitterend, ik zou haast zeggen: hier spreekt de nieuwe BUN-voorzitter
Terecht leg je nadruk op de sangha, in plaats van op de leraar zoals velen helaas doen.
Alleen vind ik je wel wat oordelend als je zegt “wie … niets van Vriendschap/Sangha respecteert is dus m.i. ook geen volgeling van de Dhamma “. Zelfs als je het teveel gebruikte woord ‘respecteren’ vervangt door bv ‘nodig denkt te hebben’, dan nog vind ik deze laatste zin van je heldere betoog overbodig.”
En idem van 4 januari:
“Waarom niet, je naam wordt genoemd, het is maar voor twee jaar, Ujukarin?
Nu de kern: ik ben het wel met je eens dat samen beoefenen essentieel want verrijkend (mudita-gevend) is, maar wil een anderen uitsluitende zin als 'ik herken ze niet als mede-gangers op het pad' niet voor m’n rekening nemen.
En uiteindelijk moet men ook z’n groep durven kunnen loslaten.
Geheel terzijde, voor de liefhebbers van de Hart Sutra (u weet wel, van ‘Vorm is leegte’), een variant gecomponeerd in de 20e eeuw van onze jaartelling:
”The Hard Sutra
Thus have I heard. At one time the Blessed One was staying at Savatthi,
in Jetavana, Anathapindika’s Park. ‘Monks,’ the Blessed One addressed
the community of monks. ‘Yes, Blessed One,’ the monks replied. The
Blessed one stated: ‘Monks, there is but one way to learn and that is the
hard way. Do not be deceived.’ The monks rejoiced at the Blessed One’s words. ”
‘De harde weg’, daar houden sommige beoefenaren vast niet van. “
======================================================
Tot zover deze citaten van mezelf
Ik heb wel ergere dingen geschreven in m'n leven. Maar schrijven over de Dalai Lama ligt kennelijk gevoelig, terwijl het bezoek van deze spiritueel leider van de Gelugpa's voor mij dezelfde beperkte betekenis heeft als een bezoek van een (rooms-katholieke) Paus aan Nederland voor een protestant.
Opvallend is dat de persoon met de naam Anne, degene waarmee ik medio 2013 herhaaldelijk botste, op 7 januari het beste commentaar op de reacties over dit bezoek heeft gegeven: “Wel jammer dat het meer om de man dan om zijn boodschap lijkt te gaan.”
Waar de hoofdredacteur van het BD kennelijk geen oog voor heeft, is het centrale thema in deze en andere reacties van mij de afgelopen maand: de cultuur bij Nederlandse boeddhisten van het elkaar (inclusief de leraar) bewonderen ; dat soort feestjes wil ik inderdaad soms wel bederven.
Eén punt in de mail verbaast me, namelijk dat in het lijstje van mijn 'obsessieve gedachten' ook die over een ' academische opleiding geestelijke verzorgers ' is opgenomen; terwijl ik veel positiever ten opzichte van die opleiding sta als bv André Kalden en Joop Ha Hoek en veel anti-intellectualistische boeddhisten, en ik daar tal van constructieve ideeën over gelanceerd heb, kritisch maar constructief (behalve dan, dat moet ik wel toegeven, als het over de BZI gaat, want dat is naatje).
En één punt amuseert me (twee eigenlijk, ook dat er drie cc's van de mail naar Varamitra zijn gegaan, heeft die zoveel rollen?), namelijk het verwijt dat ik "de toekomst naar mijn hand wil zetten.". Liever het verleden naar m'n hand zetten dan; of liever de toekomst naar andermans hand zetten dan?
Op één punt tenslotte heeft Hoek gelijk: mijn vastberadenheid t.a.v. de gewenste opheffing van de BUN is in de loop der jaren niet verminderd (waarbij voorzitters kwamen en voorzitters gingen); dat kan inderdaad een obsessie genoemd worden. Daar kan ik wel mee stoppen, dat hoeft niet meer; toch nog een goed voornemen dit jaar.
Abonneren op:
Posts (Atom)